Leerstoel sinds 1995 gerelateerd aan vraagstukken van recht, vrijheid en verantwoordelijkheid

Professor Victor W. Sidel vervult Cleveringa leerstoel voor het jaar ’98-’99

door Jos Weerts

Professor Victor W. Sidel, tot voor kort co-president van IPPNW, is door de Universiteit Leiden benoemd tot hoogleraar in de faculteit der geneeskunde. Hij vervult daar voor het jaar 1998-1999 de Cleveringa leerstoel.

Deze leerstoel is genoemd naar professor Rudolph Cleveringa, vanwege een college dat deze gaf aan de faculteit rechten op 26 november 1940. Cleveringa nam daarin expliciet stelling tegen de maatregelen van de Duitse bezetter tegen joodse functionarissen in Nederlandse overheidsdienst.

In 1970 is deze leerstoel als wisselleerstoel ingesteld door de faculteit der rechtsgeleerdheid en die der sociale wetenschappen. Daarbij gold dat het vakgebied van degene die deze leerstoel bezet, gerelateerd dient te zijn aan de ‘meest fundamentele maatschappelijke vraagstukken van de 20e eeuw (oorlog, totalitaire staatsvormen, vrijheid, democratie, ontwikkelingsproblematiek etc.)’. In 1995 is gekozen voor een nieuwe opzet. De leeropdracht dient te liggen op het gebied van vraagstukken van recht, vrijheid en verantwoordelijkheid. Ook kreeg de leerstoel een interfacultair karakter. Met de benoeming van Victor Sidel wordt de leerstoel voor het eerst ingevuld vanuit de faculteit der geneeskunde.

In de Cleveringa-oratie die Sidel op 26 november 1998 uitsprak gaf hij een haast encyclopedisch overzicht van onderwerpen en thema’s op het gebied van de geneeskunde en mensenrechten. De inhoud van zijn lezing en van de boodschap die hij de medische gemeenschap voorhoudt, is indringend en confronterend.

De stelling die Sidel in zijn oratie poneerde houdt in dat het bevorderen en beschermen van mensenrechten een essentieel onderdeel vormt van het bevorderen en beschermen van de gezondheid. Dus behoort het ook tot de verantwoordelijkheid van medici om zich in te spannen voor de rechten van de mens. Vervolgens werkte hij dit uitganspunt in een groot aantal deelgebieden en onderwerpen nader uit. Zo wees hij op de ongelijke verdeling van gezondheid en van de toegang tot gezondheidszorg.

In de Verenigde Staten, het land waar hij zelf vandaan komt, ligt de kindersterfte onder de zwarte bevolking twee maal zo hoog als onder de blanke. Dit wordt veroorzaakt door verschillen in sociaal-economische status en door verschillen in toegang tot gezondheidszorg. In de ontwikkelingslanden, waar 4,5 miljard mensen leven, moet zestig procent van de bevolking leven zonder goede sanitaire voorzieningen. 35 procent beschikt niet over schoon drinkwater, 25 procent heeft geen goede behuizing en 20 procent kan niet beschikken over enige vorm van gezondheidszorg. Hij citeerde ook enkele andere cijfers in dit kader. Voor veertig miljard dollar per jaar heeft iedereen, waar ook ter wereld, toegang tot een goede algemene opleiding en tot een redelijk niveau van gezondheidszorg. Iedereen kan beschikken over voedsel, over betrouwbaar drinkwater en over een riolering. Hierover merkte hij en passant op dat deze veertig miljard dollar minder is dan 4 procent van het vermogen van de 225 rijkste mensen in de wereld.

In zijn oratie besteede hij ruim aandacht aan de dreiging door massa-vernietingswapens. Dergelijke wapens hebben, zo zij gebruikt worden, zeer directe nadelige gevolgen voor de gezondheid. Als voorbeelden wees hij op het gebruik van chemische wapens door Irak in de oorlog tegen Iran en door een Japanse sekte in een gifgasaanval op burgers in de metro van Tokio. Ook de landmijnen vormen een deel van dit probleem. Nucleaire, chemische en biologische wapens, evenals landmijnen, tasten het recht op leven en gezondheid aan, zo luidde zijn conclusie.

Hoe kunnen medici bijdragen aan de bescherming van de rechten van de mens? Sidel noemde een aantal mogelijkheden. Medici kunnen erop toezien dat bedreigingen voor de gezondheid ten gevolge van racisme, seksisme, leeftijsdiscriminatie, homofobie en armoede worden opgeheven. Zij kunnen bevorderen dat basale en kwalitatief goede voorzieningen in gelijke mate voor mensen toegankelijk zijn. Ook hebben zij een speciale verantwoordelijkheid als het gaat om de bescherming van kwetsbare groepen en om bescherming tegen ongewenste risico’s van medisch onderzoek en medische experimenten.

Sidel behoorde tot de groep artsen die in 1962 de aandacht trok van de medische wereld en van de publieke opinie met een reeks artikelen in The New England Journal of Medicine over de gevolgen van een nucleaire aanval op Boston en omgeving. Hij stond toen aan het begin van een lange carrière in de sociale geneeskunde. Later zou hij onder andere voorzitter worden van de American Public Health Association.

Zijn oorspronkelijke vak was echter de fysica, en wel de biofysica. Hij vertelt dat de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki een zodanige indruk op hem, als veertienjarige scholier, hadden gemaakt dat hij zich voornam om de effecten van deze nieuwe wapens op mensen tot het onderwerp van zijn studie en loopbaan te maken. De artikelen uit 1962 bevatten veel cijfers; met een mathe-matische discipline wordt berekend welke medische gevolgen een aanval met twintig megaton atoomwapens heeft op de stad en omgeving. Een voorbeeld: als alle overlevende artsen twintig uur per dag werken en maximaal tien minuten besteden aan iedere overlevende, gewonde of zieke burger, dan duurt het acht tot veertien dagen voordat iedere patiënt eenmaal is gezien.

Hij trekt hieruit twee conclusies. Ten eerste: de administratieve en logistieke voorzieningen in de gezondheidszorg schieten bij een dergelijke calamiteit geheel tekort. En in de tweede plaats: planning en voorbereiding van rampenbestrijding bij dit soort scenario’s is zinloos. In plaats daarvan behoort preventie van oorlog tot de plichten en verantwoordelijkheden van medici. Deze stellingname vormt de rode lijn van zijn werken en denken sindsdien.

Eind jaren zestig doet hij opnieuw van zich spreken door zijn verzet tegen de oorlog in Vietnam. Opnieuw publiceert hij een aantal prikkelende standpunten, die ook in Nederland doordringen. In 1968 verschijnen in een aantal bladen, met name in ‘Medisch Contact’, enkele artikelen met een pleidooi voor een stellingname van medici ten opzichte van het probleem van de moderne bewapening. Deze discussie vormde toentertijd aanleiding tot het oprichten van de NVMP. In Leiden kreeg Sidel volop gelegenheid om zijn ervaring en ideeën uit te dragen. Na zijn oratie was hij meerdere malen twee weken in Nederland voor colleges, seminars en workshops. In Leiden zal hij ook voor studenten van andere faculteiten onderwijs verzorgen, onder andere de juridische faculteit en de faculteit der sociale wetenschappen. Buiten Leiden heeft hij onder andere een gastcollege gegeven aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, in het kader van de cursus ‘Medische Polemologie’ die daar sinds een aantal jaren wordt gegeven.

De Commissie Wetenschap van de NVMP heeft, samen met mevrouw professor Annemiek Richter een belangrijke rol gespeeld bij de invulling van deze leerstoel. Voor de Leidse faculteit is hiermee een belangrijk aspect toegevoegd aan het onderwijs. In de woorden van een van de leden van het College van Bestuur:’Dit zijn belangrijke en noodzakelijke aspecten in het onderwijs. Sidel voegt precies datgene toe waaraan wij tot nu toe weinig aandacht hebben besteed.’

Dit hoogleraarschap is tijdelijk. Het zorgen voor continuïteit vormt dan ook een belangrijke taak voor de NVMP. Het instellen van een bijzonder hoogleraarschap aan een van de faculteiten vormt daarbij de eerste prioriteit en de eerst voor de hand liggende optie.

 

Studenten Master class door Professor Victor W. Sidel

door Marieke Blokzijl

De laatste twee weken van januari gaf Professor Victor W. Sidel, Cleveringa-Hoogleraar 1998-1999 Leiden, de master class Health and Human Rights an Developments, an International Comparison.

Gedurende twee weken kwamen vijftien studenten in totaal 6 dagdelen bijeen in de curatorenkamer van het Academiegebouw te Leiden, voor sessies van ruim drie uur (ze liepen altijd uit!). Aangezien het een inter-facultaire master class betrof, had de groep de volgende samenstelling: vijf rechten-, twee antropologie- en acht geneeskundestudenten. In verband met mijn activiteiten betreffende het organiseren van een internationale training voor geneeskundestudenten tijdens de Hague Appeal for Peace had ik Victor Sidel al twee keer eerder ontmoet en via e-mail ook al vrij vaak ‘gesproken’ in verband met zijn bijdrage aan onze training. Ik was dus al enigszins voorbereid op zijn boeiende en zeer enthousiasmerende persoonlijkheid! Zeer vereerd voelde ik mij dan ook dat ik als enige niet-Leidse student toch de gelegenheid kreeg deze interessante master te volgen.

Inhoud

Op het moment dat ik dit stukje schrijf is het alweer enige tijd geleden, maar het eerste wat meteen in me opkomt over de master class is: discussiëren. We hebben heel veel gediscussieerd over de meest uiteenlopende onderwerpen! Hier een kleine greep: het eventueel ingrijpen van de NAVO in de Kosovo-situatie aan de hand van het internationaal recht, de structuur van de gezondheidszorg in de Verenigde Staten vergeleken met die in Nederland, het plaatsen van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens in een juridisch kader, de ethische en legale aspecten rondom abortus, hoe breed je de sociale verantwoordelijkheid van de arts kunt en eigenlijk moet stellen etc. En zo kan ik nog wel even doorgaan! Heel leuk om zulke discussies in interfacultair verband te voeren. Ieder van ons had weer z’n eigen interesse vanuit de eigen achtergrond en dat maakte de discussies ook zo interessant en leerzaam. Victor Sidel zelf wist altijd weer tal van voorbeelden aan te dragen en onze soms behoorlijk verhitte discussies telkens weer te sturen in de richting die hem voor ogen stond. In de eerste bijeenkomst, waarin Victor Sidel aan ons zijn eigen achtergrond schetste, heeft hij aan de hand van tal van voorbeelden uit eigen land heel duidelijk de sociale context laten zien waarin een arts werkt en waarin zijn/haar verantwoordelijkheden liggen. Het grote verschil in kwaliteit van medische zorg tussen blank en zwart, tussen rijk en arm zijn hier schrijnende voorbeelden van. Ook probeerde hij ons een overzicht te geven van tal van beroepsorganisaties die zich verenigd hebben om zich als front in te zetten op het gebied van social health. Hier kwamen uiteraard organisaties als de Physicians for Social Responsibility, de IPPNW, de Physicians for Human Rights, etc. naar voren. In de tweede bijeenkomst hebben we de inaugurele rede van Victor Sidel uitvoerig besproken, die hij gebaseerd had op Right to Health en Right to Peace en die uiteraard ook weer tot zeer uitvoerige discussies leidde. Wat ik persoonlijk zo heel leuk vond in deze master class, was dat er zoveel ruimte was voor onze eigen inbreng. De eerste keer al werd er een inventarisatie gemaakt van welke onderwerpen iedereen graag zou willen bespreken, waar de interesse lag van de groep. De meeste van deze onderwerpen zijn uiteindelijk door geïntegreerde interfacultaire kleine groepjes gepresenteerd en ter discussie gesteld!

Tsja, ik zou nog zoveel kunnen en willen vertellen over deze geweldig interessante twee weken, waarin ik weer zoveel bijgeleerd heb, maar laat ik dan maar besluiten met de opmerking dat zo’n master class een hele inspirerende en motiverende manier van onderwijs krijgen is!

 

’Gezondheidszorg en Vredesvraagstukken’

door Marieke Blokzijl

Al jaren wordt onder leiding van Henk Groenewegen aan de Vrije Universiteit te Amsterdam het keuzevak ‘Medische Polemologie’ georganiseerd. Vorig jaar ging dit helaas niet door wegens gebrek aan inschrijvingen door studietechnische veranderingen in het curriculum. Vandaar dat het dit jaar anders moest.

Als student-assistent heb ik m’n steentje eraan bijgedragen het keuzevak een iets ander gezicht te geven. Zo ging half januari het vernieuwde keuzevak ‘Gezondheidszorg en Vredesvraagstukken’ van start. In een collegereeks van 11 weken (elke dinsdag van 17.00 tot 19.00 uur) wordt iedere week een ander onderwerp binnen deze problematiek belicht.

De volgende onderwerpen zijn reeds aan de orde geweest:

- Inleiding en globale achtergrond ,door Henk Groenewegen

- Arts en oorlog in historisch perspectief ,door Prof. Dr. E. Houwaert

- De rol van de medicus in (voorkoming van) conflicten, door Prof. Dr. Victor W. Sidel

- Conflicthantering: Mediation game: in een simulatiespel een conflict trachten op te lossen, door Tom Hanrath en Carol de Jong van Lier

- Kernwapens, de medische gevolgen van straling, door Jan Gevers Leuven

- Medische gevolgen van chemische/biologische wapen, verdragssituatie rond chemische en biologische wapens, door Brian Davey van de OPCW

- Militair-psychologische aspecten, door Kolonel W.J. Martens

En op het moment van het schrijven van dit stukje hebben we de volgende lezingen nog te goed:

- De rol van organisaties als Artsen Zonder Grenzen en het Rode Kruis in conflictgebieden, door Katrien Coppens (Artsen Zonder Grenzen) en Anne-Helene Borgts (Rode Kruis)

- Arts en mensenrechten; casusbespreking, door Marianne Begemann en Yolanda Daverveldt

- Rol van artsen bij biomedisch onderzoek, door Prof. Dr. F.H. Lopes da Silva

- Presentatie SCORP: wat doen studenten op gebied van gezondheidszorg en vredesvraagstukken, door Saskia van der Weijden, Elske Hoornenborg en Marieke Blokzijl

- Psychische gevolgen van oorlogsgeweld, door Dr. Inge Bramsen

Behandeling PTSS bij vluchtelingen in trans-cultureel verband, door Prof. Dr. J. De Jong

Zoals u ziet, een zeer gevarieerd aanbod van onderwerpen. Tot mijn grote vreugde zit er elke week weer een enthousiaste groep van 32 tot 34 studenten in de zaal. Dit is een groep studenten van zowel de VU als de Universiteit van Amsterdam, uit het 1e t/m het 4e studiejaar. Dat de zaal elke week weer vol zit, bewijst mijns inziens dat deze problematiek toch wel leeft onder de studenten. Dit geeft hoop! Indien de studenten na het volgen van deze collegereeks het keuzevak afronden met het schrijven van een scriptie over een binnen deze problematiek vallend onderwerp, kunnen ze 7 studiepunten verdienen. Hiermee neemt het keuzevak een volwaardige plek in binnen het keuze-onderwijs aan de VU. Wie weet kan de opzet van dit keuzevak tot voorbeeld dienen voor de andere universiteiten, zodat in heel Nederland geneeskundestudenten de gelegenheid hebben zich te verdiepen in de problematiek van gezondheidszorg en vredesvraagstukken.

Vanuit onze, nog steeds groeiende, zeer enthousiaste studentengroep doen we er in elk geval alles aan het bewustwordingsproces onder de studenten aan het rollen te krijgen!

Terug naar inhoud nieuwsbrief