Opinie

Het doel en de middelen

Op het ogenblik dat ik dit schrijf, een kleine twee weken na de laatste NAVO-bombardementen op Servische doelen in Kosovo, is er flink wat te doen over de ontwapening van de strijders van het Kosovaarse Bevrijdingsleger (UCK). Rusland, dat de Servische belangen verdedigt, dringt hier sterk op aan. NAVO-baas Solana spreekt stoere woorden (‘wij zullen zorgen voor de veiligheid van ALLE burgers’) maar het is allerminst zeker dat hij zijn beloften zal kunnen waarmaken. De Kosovaarse Serviërs vertrouwen het zaakje ook niet en verlaten massaal het gebied.

Het voorgaande is maar één van de facetten van de Kosovo-oorlog waarover men, op zijn zachtst gezegd, de wenkbrauwen kan fronsen. Terwijl het NAVO-discours zich bijna uitsluitend bezighield met de vraag waarom deze rechtvaardige oorlog zo nodig moest gevoerd worden, was slechts een kleine minderheid van onze bevolking (maar een groot deel van de wereldbevolking) verbijsterd over wat de NAVO in vredesnaam in de Balkan aan het aanrichten was. Het doel versus de middelen, dus.

Over welk doel gaat het dan wel? Over de "officiële" reden, namelijk een einde maken aan een genocide? Deze reden was beslist noodzakelijk om de steun te krijgen van de publieke opinie. Of hebben we het over al de onuitgesproken drijfveren achter deze oorlog: het veilig stellen van de Westerse belangen in een zeer strategisch gebied, het afstraffen van een van de laatste hardleerse communisten in de regio, het buiten spel zetten van de Verenigde Naties, het kleineren van Rusland, het creëren van een nieuwe bestaansreden voor de NAVO, in een nieuwe politiek van eigengereid optreden, het dienen van de belangen van het militair-industrieel complex?

U kiest maar en weegt af tegen de gebruikte middelen, zoals daar waren: de peperdure bombardementen (35.000 vluchten, 20.000 bommen en raketten, drie miljard euro) die zware vernielingen hebben aangericht, niet alleen aan militaire doelwitten, maar ook aan bruggen, wegen en fabrieken (totaal geschatte kosten voor de Servische economie:

40 miljard euro); niet alleen in het opstandige Servië maar ook in het te bevrijden Kosovo; met niet alleen 5.000 militairen als slachtoffers maar ook minstens 1.200 burgers.

Er is ook zware schade die niet in cijfers valt uit te drukken. Het arrogante optreden van de NAVO is bijzonder slecht onthaald in vele niet-NAVO-landen. Vanuit China en Rusland was dit voorspelbaar, maar ook heel wat derdewereldlanden hebben kritiek geuit, voor zover ze dat aandurfden. Het meest zorgwekkend is zeker de toestand in Rusland, waar volgens een persoonlijke getuigenis van Mary-Wynne Ashford (IPPNW) de sfeer in korte tijd zeer grimmig is geworden. De toekomst van START II is weer heel onzeker. Kernwapens lijken voor arme landen de enige haalbare bescherming tegen de agressie van het Westen. Dat vandaag Jeltsin en Clinton elkaar warm de hand schudden zegt meer over Jeltsin zelf dan over de werkelijke gevoelens van de Russische topambtenaren en militairen.

Het primum non nocere van de geneeskunde heeft blijkbaar geen moment gespeeld in het hoofd van onze politici toen ze beslisten om Servië een lesje te leren. Laat ons hopen dat de "overwinning" snel gerelativeerd wordt, zodat dit soort flaters de wereld in de toekomst bespaard blijft.

Hugo D’aes, redactielid

(Cijfers uit Time van 14 juni 1999)

 

Kosovo, de Verenigde Naties (VN) en Nederland


door Akke Botzen

Nu in Kosovo gruwelen aan het licht komen die onze bangste vermoedens te boven gaan, is het een absolute vereiste om, naast bescherming en humanitaire hulp, te komen tot een effectieve internationale regelgeving. "Forum" van februari brengt artikelen vanuit diverse invalshoeken. Een collage.

De VN

Het belangrijkste orgaan voor besluitvorming en regelgeving vormen de VN. Helaas wordt de Algemene Vergadering (AV) door de Veiligheidsraad (VR) nogal eens buiten spel gezet, als belangen van de permanente leden domineren. Het meest schrijnend ervaart de gewone burger dit wanneer het om mensenrechten gaat.

In Kosovo kon de UNHCR (VN-Hoge Raad voor de Vluchtelingen) niet veel meer doen dan het leed enigszins verzachten. De VN-Commissaris voor de Mensenrechten Mary Robinson acht dan ook herdefiniëring van de Mensenrechten noodzakelijk: niet als handvat voor wederzijdse be-schuldigingen, maar als leiddraad ter voorkoming of hantering van geweld. Volgens haar had in de kwestie Kosovo het respect voor de mensenrechten tijdig en zonder militair geweld aan de partijen bijgebracht moeten worden door waarnemers in te zetten, om de schending van de mensenrechten in een vroeg stadium te kunnen stoppen.

Ook moeten mensen in een conflictgebied evenwichtig voorgelicht worden over de geschiedenis van hun regio als "vaccin" tegen etnische hersenspoeling. Robinson wil bij het onderzoek naar schuldigen de NAVO niet uitsluiten: immers, door de bombardementen vielen ook burgerslachtoffers.

 

Nederland

Nederland heeft inzake Kosovo de mogelijkheden niet optimaal benut. Ons land had Joegoslavië bij het Internationale Gerechtshof kunnen aanklagen (sinds 1932 heeft Nederland met Joegoslavië een verdrag voor vreedzame beslechting van geschillen). Weliswaar is zo’n aanklacht alleen ontvankelijk als van het klagende land het eigenbelang wordt geschaad, en weliswaar laat de internationale wetgeving tot op heden geen ruimte voor militaire interventie (res.1199 van 1998), maar een Nederlandse aanklacht had een uitdaging tot verandering kunnen zijn.

Verder zijn voor het begin van de bombardementen een aantal resoluties van de AV om de genocide te stoppen door Joegoslavië genegeerd. Toch had Nederland in de AV een spoedzitting kunnen aanvragen om bombardementen te voorkomen. De resolutie Uniting for Peace van 1950 geeft de AV de bevoegdheid binnen 24 uur bijeen te komen als de VR het bij een crisis door gebrek aan eensgezindheid (bv. inzake proportionaliteit en effectiviteit) laat afweten. De AV had de regering van Joegoslavië, het Kosovaarse bevrijdingsleger en de NAVO kunnen oproepen om onmiddellijk alle gevechtshandelingen te staken. Daartoe was wel de bereidheid van Joegoslavië nodig geweest om factfinding mogelijk te maken en het advies te aanvaarden van het Internationale Gerechtshof inzake Mensenrechten en Geweldverbod. Nederland had in de AV van de VN een spoedzitting kunnen aanvragen.

Nederland en het vetorecht

Bij de oprichting van de VN heeft ons land zich fel verzet tegen dit "recht": allemaal of niemand was het argument. Maar de VS en ook de SU, dreigden met opstappen. Dat werd dus slikken of stikken.

Verenigde Naties en Mensenrechten

"De VN zijn opgericht tegen de gesel van de oorlog, niet om volkeren eraan bloot te stellen" (Havel)

Bij de oprichting van de VN ging het om een wederkerig geweldverbod tussen "de grote 4" (VS, SU, GB en China). Door de aankleding in de loop der tijd (WHO, UNESCO, UNICEF en vele andere instituten) werd de illusie gewekt van primair idealisme. Maar de politiek maakt in feite de dienst uit. In het VN-Handvest vormen Mensenrechten een ondergeschoven kindje. Uit een officieel document van de Engelse regering: "de geschiedenis leert ons dat humanitaire argumenten voor interventie bijna altijd verstrengeld zijn met minder prijzenswaardige motieven". Als het Internationale Gerechtshof zich kritisch uitlaat over toestaan van geweld door de VR, dan wordt dit niet geaccepteerd: het Gerechtshof zou zich met politiek bemoeien.

Dreigen met en gebruik van geweld (tegen een staat) is verboden volgens het VN-Handvest. Geweld tast de territoriale integriteit en/of de politieke onafhankelijkheid van een staat aan. Er zijn 2 uitzonderingen: geweld tegen een staat mag als deze de internationale vrede en veiligheid in gevaar brengt en geweld door een staat mag als de verdediging van de territoriale integriteit of de politieke onafhankelijkheid daarom vraagt. In deze gevallen dienen wel zo gauw mogelijk de VN ingeschakeld te worden (art.51). Naar dit artikel wordt vaak onterecht verwezen (Falkland-oorlog)

Het geweldverbod is nooit bedoeld geweest voor conflicten binnen een staat. Maar wat moeten we met situaties als Kosovo? Het argument van selectieve verontwaardiging is geen motief om nooit in te grijpen. Zijn de VN machteloos? Zo ja, wie neemt het over? Terug naar regionale instituten of evoluerend naar diezelfde optie? De NAVO is niet regionaal te noemen. De CVSE? De Citizens Assembly, op geleide van de Helsinki-akkoorden? Maar dat is een bottom-up organisatie, die op zich geen macht heeft. Er zijn geen geringe juristen nodig om adequate regels te creëren.

Voorlopig moeten we het doen met de VN. Zoals Dag Hammarskôld het stelde:"het is niet zozeer de taak van de VN om de hemel te bevechten als wel om de hel te vermijden".

Terug naar inhoud nieuwsbrief