Hans Opdam over het Peace Dividend




Onder Peace Dividend wordt verstaan de jaarlijkse besparing op de militaire uitgaven wereldwijd vanaf 1987 t.g.v. de ontspanning. Deze is opgelopen tot 300 miljard US dollar per jaar (Human Development Report 1994; uitgave van de VN).
In dit rapport werd hoopvol geschreven over de bestemmingsmogelijkheden. De discussie hierover had echter een hoog illusie-gehalte en is sindsdien enigszins verstomd. Niet spijtig volgens Opdam, die vervolgens tracht helder te krijgen waar het echt om gaat.
Curieus is dat de HDR voor 1987 uitgaat van militaire bestedingen van 1000 miljard US $ in dat jaar (het vredesdividend is dan nog nul) en dit referentiepunt in 1994 bijstelt op 775 miljard US $ (vredesdividend opnieuw nul!). De opstellers hebben dus niets terug gezien van de 225 miljard $ in de jaren 1987 tot 1994. Als men doorgaat met bijstellen (lees: "afschrijven van het Peace Dividend") dan blijft er van dit laatste niets over. Opdam vreest dat dit klopt.

Verlanglijst
Op de verlanglijst van bestedingen van het Peace Dividend staan als voornaamste wensen: drinkwatervoorziening, primaire gezondheidszorg en onderwijs. Deze vereisen grote investeringen. Heden wordt jaarlijks 60 à 70 miljard US $ besteed aan projecten van ontwikkelingssamenwerking. Deze bedragen zouden verbleken bij een injectie van 300 miljard $ per jaar uit het Peace Dividend. Een naïeve droom?
Tussen droom en realisatie liggen praktische obstakels die moeten worden overwonnen. De auteurs van het HDR 1994 beseffen dit ook. Zij doen vele aanbevelingen voor concrete en snel haalbare initiatieven. Toch werkt het niet.

Verwarrend
Opdam stelt dat Peace Dividend een verwarrend begrip is. Bedrijfseconomisch spreekt men pas van een dividend (letterlijk: te verdelen) als er eerst met succes is geïnvesteerd. Bij Defensie hebben we in tegendeel te maken met het (gedeeltelijke) faillissement van het militair-industrieel- complex. De vraag is ingestort en de aandeelhouders (staten en burgers) zitten met overtollig materiaal en menskracht. Te verdelen zijn "verplichtingen", geen "winsten". De overtollige mensen zijn niet zonder meer elders te plaatsen en de materialen niet zonder meer te gelde te maken (conversie). In Tsjechoslowakije kwamen 4000 chemisch technologen zonder werk nadat dit land het verdrag had getekend dat de aanmaak van bacteriologische en chemische wapens verbiedt. Bij Hollandse Signaal in Hengelo bleek na onderzoek conversie niet haalbaar.
Dan het misverstand van de concurrerende belangen. Peace Dividend suggereert dat de hoge defensie-investeringen voorheen de civiele investeringen (zoals die voor ontwikkelingssamenwerking) hebben verdrongen (de "crowding-out" stelling). Deze bewering van concurrerende belangen heeft beperkte geldigheid.

Wil en doel
Uit het oog wordt verloren de kracht van de politieke wil om een doel te bereiken, het zicht op dat doel en op de weg ernaartoe. Politieke wil creëert geld, bv. via inspanning voor fondswerving en leningen. Geld willen creëren staat voor de maatschappelijke bereidheid een schuld te aanvaarden voor dat specifieke doel. Zo ontstaan belastingmechanismen (staat) en credit lines (staat en burgers).
De financiering van ontwikkelingshulp is geen probleem als de internationale gemeenschap echt de armoede uit wil bannen en de basisbehoeften veilig wil stellen. Deze doelstellingen zijn even autonoom als die van bewapening. Of van het verminderen van de staatsschuld. Helaas is er onvoldoende vraag naar het uitbannen van de armoede, zodat ook het aanbod (oplossingsdynamiek) stagneert.

Agenda for Peace
Het dynamische Agenda for Peace is dan ook een werkzamer begrip voor het realiseren van ontwikkelingssamenwerking dan het statische en verwarrende Peace Dividend.
Opdam leent militaire termen om dit te verduidelijken: om de vraag naar ontwikkelingshulp te versterken kan een slogan als "oorlog tegen de armoede" de politieke wil genereren om die oorlog te voeren en te winnen.
Daarover moet het politieke debat gaan, dat beoogde ook het HDR 1994. Spreken over dividend nog voordat geïnvesteerd is staat voor het verkopen van de beer voordat deze is geschoten.

Uit Economen voor Vrede, oktober 1997 (De auteur is verbonden aan de Technology and Development Group van de Universiteit Twente en bestuurslid van de Vlaams-Nederlands afdeling van Economists Allied for Arms Reduction (ECAAR)
AB

Terug naar de inhoud Nieuwsbrief