‘Biohazard’, biologische wapens

Door: Karel Knip

Ken Alibek en Stephen Handelman: ‘Biohazard. The chilling true story of the largest covert biological weapons program in the world, told from the inside by the man who ran it’. Hutchinson.

Tom Mangold en Jeff Goldberg: ‘Plague wars. A true story of biological warfare.’ MacMillan, London, 1999.

‘Biohazard’ is het verslag van een Russische onderzoeker die nauw betrokken was bij het uiterst geheime en ongekend agressieve Sovjet-programma voor de productie van biologische wapens waarvan het bestaan pas in 1989 bekend werd. Het programma ging schuil onder het farmaceutische concern ‘Biopreparat’, een dekmantelorganisatie met veertig vestigingen, waar meer dan 30.000 technici en wetenschappers werkten aan de ontwikkeling en productie van biologische wapens. Een ongekende schending van het internationale verdrag tegen de ontwikkeling van zulke wapens, dat dezelfde Sovjet-Unie met veel vertoon in 1972 had ondertekend.

Hoewel Amerikaanse inlichtingendiensten na 1972 regelmatig berichtten dat er nog steeds offensief biologisch onderzoek werd gedaan in de Sovjet-Unie, is op die waarschuwingen nooit veel reactie gekomen. Berichten over het gebruik van schimmelgiffen (de ‘gele regen’) in Cambodja en Laos en hardnekkiger geruchten over een anthrax-epidemie in Sverdlovsk werden ontzenuwd. De indruk was dat de Russen zich redelijk aan het verdrag van 1972 hielden.

Tot in oktober 1989 de Russische bioloog dr. Vladimir Pasechnik overliep naar het Westen. Pasechnik was hoofd van een instituut in Leningrad waar gewerkt werd aan het drogen en stabiliseren van dodelijke bacteriestammen om die in wapens te kunnen gebruiken. Pasechnik onthulde dat de Sovjets onder de dekmantel van Bio-preparat een reusachtig offensief programma hadden opgezet en bacteriën en virussen ontwikkelden die bestand waren tegen gangbare Westerse vaccins en antibiotica.

Zo verontrustend waren Pasechniks onthullingen dat de VS en Engeland in april 1990 besloten tot een démarche bij het Russische ministerie van buitenlandse zaken. Gorbatsjov ontkende, maar stemde in met inspectie. In januari 1991 bezochten Amerikaanse en Britse experts vier Biopreparat-vestigingen. Ze werden rondgeleid door de arts dr. Kanatjan Alibekov, deskundig, maar bot en ontwijkend. Het werd een harde confrontatie die zelfs in een handgemeen ontaardde toen een inlichtingenman een zaal wilde onderzoeken die de Russen gesloten wensten te houden. Maar de inspectie leverde geen harde bewijzen voor een offensief programma op.

Toen Gorbatsjov na de augustus-coup verdween en de Sovjet-Unie in december 1991 ophield te bestaan brak een nieuw tijdperk aan. Al in februari 1992 gaf Jeltsin toe dat de oude Sovjet-Unie wel degelijk een offensief BW-programma had, en in april maakte hij er een einde aan: Rusland zou zich houden aan de conventie van 1972. In mei erkende Jeltsin dat het anthrax-ongeluk in Sverdlovsk inderdaad te maken had met wapenontwikkeling. De Amerikaanse kranten meldden het nieuws slechts terloops.

Zelfs als Pasechnik zich in januari 1993 laat interviewen blijven zijn onthullingen grotendeels beperkt tot Europa. Tussen 1993 en 1998 verschijnen er alleen artikelen over het Sverdlovsk-ongeluk en het lopende anthrax-programma van de Russen.

Het weekblad Science legt in 1994 uiteindelijk het onweerlegbare verband tussen de epidemie en een ge-heim onderzoeksinstituut. Echte commotie ontstaat voor het eerst op 25 februari 1998, als een tweede overloper verschijnt in een programma van ABC News en dezelfde dag wordt geïnterviewd door de New York Times. De ‘defector’ blijkt niemand minder dan kolonel Alibekov, adjunct-directeur van ‘Biopreparat’ en als zodanig tweede verantwoordelijke voor het biologische wapenprogramma. Alibekov vroeg in oktober 1992 asiel in de Verenigde Staten en is daarna een jaar lang vrijwel dagelijks verhoord. In het eveneens in 1999 verschenen boek ‘Plague wars’ van de BBC-journalist Tom Mangold wordt onthuld dat er nog meer overlopers naar de VS zijn uitgeweken.

Wat Alibekov onthulde over het reusachtige Biopreparat-programma is huiveringwekkend. Het bleek dat de Sovjet-Unie sinds 1973 bouwde aan een biologisch wapenarsenaal dat zijn weerga niet kent. Toen Jeltsin er in 1992 een eind aan maakte lagen er honderden tonnen anthrax en tientallen tonnen pest-bacteriën en pokkenvirus klaar om te worden ingeladen in bommen, intercontinentale raketten (SS-18’s) en kruisraketten.

Biohazard voegt aan technische details niet zo heel veel toe aan wat inmiddels uit interviews bekend is, maar geeft een goed beeld van het cynisme waarmee het programma werd beraamd en de machinaties waarmee het in stand werd gehouden. Dat er in 1972 een verdrag tegen biologische wapens was gesloten beschouwde Brezjnev als een goede aanleiding om een groot biologisch programa te beginnen. Toen de Wereldgezondheidsorganisatie WHO de wereld in 1980 ‘pokkenvrij’ verklaarde en voorstelde de laatste voorraden pokkenvirus te vernietigen was dat voor de Russen het moment om pokken in het wapenprogramma op te nemen. Voortaan zou immers niemand meer tegen pokken worden ingeënt.

Als Biopreparat-onderzoeker Nikolai Ustinov zich in 1988 bij een dierproef met het beruchte Marburg-virus (verwant aan Ebola) in zijn hand prikt en dagen later een gruwelijke dood sterft verzuimt men niet het virus uit het lijk terug te winnen. De ervaring heeft immers geleerd dat virussen, groeiend in het menselijk lichaam, een stuk virulenter worden. De Marburg-stam ‘variant U’ is prompt in productie genomen.

Als tegen 1989 duidelijk wordt dat de Sovjet-Unie niet aan inspecties zal ontkomen besluit Gorbatsjov tot de bouw van mobiele productie-eenheden die niet langer zijn te traceren. Jeltsin gaf opdracht het wapenprogramma te beëindigen maar liet weten er niet zeker van te zijn of dat ook gebeurt. Alibekov gelooft van niet. Als geen ander weet hij hoe goed het Russische ministerie van defensie er in slaagde zijn activiteiten geheim te houden.

Uit recente publicaties van zijn vroegere collega’s leidt Alibekov af dat nog steeds wordt vastgehouden aan onderzoekslijnen waarvoor hij destijds toestemming gaf. Een daarvan is de ontwikkeling van ‘chimere-virussen’, zoals een pokkenvirus waarin het genetisch materiaal van een hersenaantastend virus (VEE) is opgenomen, zodat een soort superwapen ontstaat. Ook tot de ontwikkeling van vaccin-resistente anthrax-stammen was al tijdens Alibekovs bewind besloten. Uit Westerse bezoeken aan Biopreparat-vestigingen is gebleken dat er flink in het personeelsbestand is gesnoeid, maar geruststellend is dat nauwelijks: landen als Irak en Iran nemen de nieuwe werklozen graag in dienst.

 

Terug naar inhoud nieuwsbrief