Het vreemde stemgedrag van onze vertegenwoordigers in de VN

 

Streven onze regeringen naar

kernontwapening?

 

Eind oktober werden verschillende ontwerpresoluties behandeld in de Ontwapeningscommissie van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.  Wij stellen met tevredenheid vast dat een aantal belangrijke ontwerpresoluties door de Belgische en Nederlandse afvaardigingen werden gesteund. Deze gaan ondermeer over het belang van kernwapenvrije zones, het vasthouden aan het Algemeen Test-stopverdrag en het vermijden van de militarisering van de ruimte.

 

Wij zijn echter teleurgesteld over de Nederlandse en Belgische tegenstemmen en onthoudingen bij de stemming over een aantal andere resoluties, die trachten het probleem van de kernwapens in de wereld aan te pakken. Deze resoluties gaan over het verband tussen ontwapening door de kernwapenstaten enerzijds en non-proliferatie anderzijds; over unilaterale afbouw van de reusachtige kernwapenvoorraden van de grootmachten; over het belang van het advies van het Internationaal Gerechtshof in 1996; en tenslotte over de vermindering van het onmiddellijke nucleaire gevaar, door de talrijke kernkoppen die nu op scherp staan en op een doel gericht zijn in een toestand van de-alert te brengen.(zie toelichting)

 

Daarom werden er brieven verstuurd door de voorzitters van Artsen voor Vrede en NVMP naar de Belgische en Nederlandse premiers en ministers van Buitenlandse Zaken, waarin gewezen is op de inconsequente houding van onze regeringen.

 

De ontslagnemende regering Verhofstadt was op het moment van de stemming enkel bevoegd voor de lopende zaken, maar de Belgische vertegenwoordiger in de Ontwapeningscommissie kreeg natuurlijk richtlijnen van de regering. Jef De Loof, voorzitter van Artsen voor Vrede, wijst er in zijn brief op dat het federale parlement op 21 april 2005 een resolutie, ingediend door 7 leden van 6 partijen, met een grote meerderheid heeft goedgekeurd. Deze resolutie riep de Belgische regering op om, in navolging van het regeerakkoord, het voortouw te nemen en initiatieven te ontplooien die de wereld veiliger moeten maken, door actief de strijd aan te binden met de kernwapens overal ter wereld. Artsen voor Vrede vraagt de ministers om te verklaren hoe het stemgedrag van de Belgische vertegenwoordiger in de VN-commissie te rijmen valt met het streven van de Belgische regering naar kernontwapening, zoals gevraagd door het federale parlement.

 

In zijn brief wijst NVMP-voorzitter Herman Spanjaard op de voordracht, d.d. 18 oktober 2007, van de Nederlandse permanente vertegenwoordiger in de VN-Ontwapeningscommissie, mr. Johannes C. Landman. Deze spreekt zich positief uit over het artikel van George Schultz, William Perry, Henry Kissinger en Sam Nunn in de Wall Street Journal eerder dit jaar en het daarin genoemde nieuwe élan dat moet leiden tot een kernwapenvrije wereld. Het belang van bestaande verdragen zoals de Non-Proliferation Treaty en de Comprehensive Test Ban Treaty' alsmede de lopende onderhandelingen binnen de Conference on Disarmament worden in deze voordracht benadrukt. “Graag ontvingen wij een reactie op het afwijkende Nederlandse stemgedrag. Hoe denkt Nederland bij te dragen aan het nieuwe élan dat moet leiden tot forse stappen richting kernontwapening?”, zo besluit de NVMP voorzitter.

 

De volgende resoluties werden door de Belgische en Nederlandse afvaardigingen GOEDGEKEURD:

 

A/C.1/62/L.2: die Israël oproept om toe te treden tot het Non-Proliferatieverdrag, kernwapens af te zweren en zijn nucleaire installaties onder controle van het Internationaal Atoomagentschap te plaatsen.

 

A/C.1/62/L.30: herbevestigt het

streven om kernwapens uit de wereld te bannen.

 

A/C.1/62/L.34: die alle staten, in het bijzonder deze in het bezit van ruimtetechnologie, oproept tot een vreedzaam gebruik van de ruimte en het voorkómen van een wapenwedloop in de ruimte.

 

A/C.1/62/L.28: een oproep tot het tekenen en ratificeren, zonder uitstel en zonder voorwaarden, van het Algemeen Teststopverdrag. Roept de Algemene Vergadering op om alle kernmachten aan te sporen het moratorium op kernproeven aan te houden.

 

A/C.1/62/L.9: roept alle ondertekenaars van het Non-Proliferatieverdrag op om zich aan de verplichtingen van het verdrag te houden en maant de kernmachten aan om de stappen in de richting van ontwapening (die waren beloofd op de Herzieningsconferentie van 2000) te versnellen.

 

A/C.1/62/L.27 en A/C.1/62/L.19/Rev.1: benadrukken het belang van kernwapenvrije zones als instrument voor de non-proliferatie en streven naar een uitbreiding van deze zones, die een stap is naar de totale verbanning van alle kern-

wapens.

 

Bij stemming over de volgende resoluties stemden de Belgische en Nederlandse afvaardigingen TEGEN:

 

A/C.1/62/L.40: een ontwerpresolutie die ondermeer de kernwapenstaten oproept om effectieve ontwapeningsstappen te zetten met het oog op de afschaffing van kernwapens. Zij herbevestigt dat nucleaire ontwapening en non-proliferatie hand in hand gaan.

 

A/C.1/62/L.8: roept op tot hernieuwde inspanningen om artikel VI van het Non-Proliferatieverdrag te implementeren, inbegrepen verdere pogingen van de kernmachten om unilateraal hun kernwapenvoorraden af te bouwen, verhoogde transparantie wat de kernvoorraden betreft en vooruitgang in de ontwapening.

 

A/C.1/62/L.23: betreft het gebruik van of het dreigen met kernwapens en verwijst naar de uitspraak van 1995 van het Internationaal Gerechtshof en naar een algemeen verbod op kernwapens als uiteindelijk doel.

 

A/C.1/62/L.36: grijpt terug naar het unanieme advies van het Internationaal Gerechtshof van 1996 en roept alle staten op onmiddellijk hun verplichtingen na te komen door het opstarten van multilaterale onderhandelingen over een kernwapenverdrag.

 

A/C.1/62/L.21: deze belangrijke resolutie draagt de Algemene Vergadering op om de vijf Kernwapenstaten (onder het Non-Proliferatieverdrag) aan te manen hun kernwapens te de-alerten en te de-targetten. De lidstaten worden opgeroepen om de nodige maatregelen te nemen om de proliferatie van kernwapens te voorkomen en algehele ontwapening na te streven.

 

Bij de stemming over de volgende resoluties ONTHIELDEN de Belgische en Nederlandse afvaar-digingen zich:

 

A/C.1/62/L.44: deze resolutie vraagt effectieve bescherming van niet-kernwapenstaten tegen een aanval of dreiging met kernwapens.

 

A/C.1/62/L.29: ook deze resolutie roept op om stappen te zetten om de inzetbaarheid van kernwapens te verminderen, door vele duizenden kernwapens die vuurklaar staan van high-alert-status af te brengen.

 

Bij de stemming over de volgende resolutie ONTHIELD de Belgische afvaardiging zich en stemde de Nederlandse vertegenwoordiger TEGEN

 

A/C.1/62/L.18/Rev.1: vraagt de secretaris-generaal ("seek the views of Member States and relevant international organizations") om op de volgende zitting van de AV een rapport uit te brengen over de mogelijk schadelijke gevolgen (effects) voor mens en omgeving van het gebruik van wapens en munitie die verarmd uranium bevatten.