Lezing Martine Groen 12 maart

 

Macht, machteloosheid en geweld

 

Bij het spreken over oorlog en vrede gaat het bijna altijd over grote globale mechanismen. In deze inleiding wil ik me richten op de effecten die deze mechanismen hebben op de kleine verbanden van families en gezinnen.

 

Families en gezinnen zijn de onveiligste plekken om op te groeien. ‘De oorlog in huis’ strekt zich uit over bredere samenlevingsverbanden en laat overal in het publieke domein sporen van geweld achter. Er is een grotere samenhang tussen de verschillende vormen van oorlog dan veelal wordt gedacht. We kennen de oorlog tussen de naties die op dit moment vaak wordt gepresenteerd als een strijd voor de internationale rechtsorde of de democratie, maar we kennen daarnaast een breed patroon van geweld in de publieke ruimten van straten, steden, regio’s (nieuwe vormen van burgeroorlog, Enzensberger). Geweld werkt eindeloos door in generaties. In landen als Nederland en Duitsland begint het nu pas mogelijk te worden om over de gevolgen van de Tweede Wereldoorlog een werkelijk gesprek te voeren. In een land als Zuid-Afrika en in voormalig Joegoslavië is daarmee pas een begin gemaakt. De doden zijn nog niet geïdentificeerd en de gevolgen van geweld tegen vrouwen (verkrachtingen) stuiten nog steeds op de bestaande taboes in de samenleving en kunnen nog niet onder woorden worden gebracht.

 

Oorlogsgeweld verwoest niet alleen de infrastructuur van een land, maar ook de interne samenhang van een samenleving, de weefsels van de locale gemeenschappen. Zij verandert ook de taal en ze vernietigt de ervaring die in die taal worden bewaard. De moderne oorlog is niet langer een oorlog van de nationale gemeenschappen (opheffing dienstplicht). Hij is een oorlog van professionals, (huurlegers) en in feite losgemaakt van de democratische besluitvoering. Door zijn anonimiteit onttrekt hij zich aan het maatschappelijk bewustzijn en schermt hij de publieke gemeenschap af van de trauma’s en de destructie die hij elders oproept. Niemand houdt zich werkelijk bezig met het lijden van de slachtoffers van deze nieuwe vormen van oorlogsvoering.

Oorlog heeft altijd een functie gehad om agressie in de samenleving te kanaliseren. Toen de nationale oorlog in West-Europa zijn bestaansrecht verloor was er een kans om de agressie in de samenleving op een andere manier en in andere vormen te reguleren. Die kans is niet benut en we zien nu dat die agressie voor een deel wordt afgevoerd in de nieuwe vormen van oorlog en voor een ander deel ‘in de interne burgeroorlog’. Dat is een oorlog die wij in Nederland op dit moment zich vooral zien manifesteren in de agressie ‘tegen het vreemde’ en ‘het andere’. In een recent pamflet heeft Geert Mak laten zien hoe belangrijk de rol van de taal hierbij is. De handel in angst (Mak) bedient zich van een eigen taal die de verhoudingen in de samenleving infecteert en in het teken van collectief geweld plaatst.

 

Martine Groen:

“Stress en angst zijn slechte raadgevers als het gaat om geweldloos gedrag. Machtig en onmachtig gedag hoort bij elkaar. Ik heb lang gewerkt aan de wederopbouw van voormalig Joegoslavië als psychotrauma specialist. Vanuit Buitenlandse Zaken werden we gesubsidieerd om ons samen met andere organisaties in te zetten om de gevolgen van de oorlog voor vrouwen en kinderen te behandelen. Oorlogsgeweld verwoest niet alleen de interne logica in een samenleving, het verwoest een taal die er was, het verwoest het gevoel ergens bij te horen en het verwoest de lagen van weefsels die gesponnen en geweven zijn door gemeenschappen. Ik heb waargenomen hoe de taal verandert door angst, net voor de oorlog in Kosovo. De Servische militairen waren hard en meedogenloos, ook naar ons toen we de grens overgingen van Macedonië naar Kosovo. We zagen hoe hardhandig Albanezen onderdrukt werden.

 

Net na de uitbarsting van geweld, hoorden we de verhalen van verkrachtingen, moorden die zijn gepleegd, we zagen het bloed nog langs de straten en we hoorden de verhalen van vrouwen die met kinderen op de vlucht zijn geraakt. Een vrouw vertelde dat ze blij was dat haar dochter niet verkracht was, liever een dode zoon dan een dochter die verkracht is. Een dode zoon is een held, een gewonde dochter ligt meteen buiten de gemeenschap. De schaamte over een geschonden dochter dringt diep door in de familieverbanden en roept als het ware weer opnieuw om wraak.

 

Het zelfde geldt voor mijn ervaring in Zuid Afrika. Ik heb daar met een collega gewerkt in de Townships, vooral met vrouwen die verkracht zijn. Het repeteren van geweld hoort bij getraumatiseerde mensen. Als geweld heerst verschuiven normen, ook uit angst wordt opnieuw een verdediging opgeroepen. Het geweld achter apartheid heeft diepe wonden gelaten in families die zich niet konden verdedigen en zomaar werden neergeschoten. Ook na de verzoeningscommissie is het nog een van de gewelddadigste samenlevingen. Langzaam zal daar weer met vereende kracht een nieuwe grens gemaakt worden van vreedzame manieren om conflicten op te lossen in plaats van schieten. Terug in Nederland merk je dat ook hier de taal er een van angst is als het gaat om migranten en vluchtelingen die hier om asiel gevraagd hebben.”

 

 

Martine Groen is reeds 20 jaar bezig met structureel geweld in gezinnen

(assertiviteitstrainingen, agressietrainingen, conflictbemiddeling, gezinstherapie). Daarnaast heeft ze de laatste tijd veel ervaring met politiemensen en brandweermannen. Op grond van haar ervaringen in trainingen in Zuid-Afrika, het meest gewelddadige land dat ze kent, zal zij het een en ander gaan vertellen van de invloed van een geweldscultuur op het familie- en gezinsleven. Omgekeerd is ook aangetoond, dat geweld in gezinnen, op microniveau, van grote invloed is op de gewelddadigheid in de maatschappij. Op alle niveaus heb je te maken met geweld; en met macht en onmacht. Zuid-Afrika en Nederland zijn in die zin te vergelijken, omdat je in Nederland ook kunt spreken van een geweldscultuur. Er zijn mechanismen die de verhouding tussen mensen bepalen en die tot escalatie en

vijandigheid kunnen leiden. In Nederland zijn daar op dit moment meer dan voldoende voorbeelden van te vinden. Van daaruit is het mogelijk om een aantal gedachten te ontwikkelen over een vredescultuur.