Boekbespreking

 

Met stille trom

 

De naweeën van een nieuwe oorlog. Ruim 300 blz., exclusief ruim 30 blz. aan bronnen en bijlagen

 

 

Door: Akke Botzen

 

16.000 Belgische militairen zijn uitgezonden naar de oorlogsgebieden in de Balkan en Kosovo/Macedonië. 20% kwam ziek terug.

Marleen Teugels ontmoet de Duitse arts Siegwart-Horst Günther, voorzitter van het Internationale Gele Kruis. Günther schreef een boek over het gebruik van verarmd uranium (DU) in Irak, met schokkende foto’s van misvormde kinderen. Hij schrijft de afwijkingen toe aan DU. Na Desert Storm zag hij op het vroegere slagveld kinderen spelen met de ‘poppe-tjes’ (achtergelaten DU-munitie). Ook in de Balkanoorlog en in Kosovo/Macedonië is DU gebruikt. Günther vermoedt een verband tussen kapotgeschoten DU en het Golfoorlog-, respectievelijk Balkansyndroom.

 

Teugels, verontrust door dit alles, begint aan een zoektocht. Misschien door dit begin ruimt zij een royale plaats in voor DU. Door toenemende verbijstering en verontwaardiging gedreven, beschrijft ze haar vele interviews met (ervarings-)deskundigen, (soms zelf patiënt) en zieken, vooral militairen. Ook vermeldt ze een groot aantal studies, rapporten en documenten, steeds met tijd, plaats en opstellers. Veel citaten verlevendigen haar boek.Via verarmd uranium (DU) voert haar ‘reis’ naar psychische gevolgen van ‘oorlogsstress’ en vooral naar  de chemische soep in de oorlogsgebieden.

 

Haar boek laat bij mij de indruk achter dat autoriteiten de weg kiezen van respectievelijk alles ontkennen,vervolgens psychologische oorzaken, respectievelijk DU, als schuldigen aanwijzen, om zo de voor overheden zeer bedreigende hoofdoorzaak: de grotendeels oorlogsgebonden toxisch-chemisch-biologische soep, die niet alleen militairen, maar ook familieleden ziek kan maken, te kunnen verhullen. Aangeboren afwijkingen completeren dit zwartboek. Teugels loopt aan tegen een machteloos makende hoeveelheid doofpotten, publiekelijk kenbaar via de vele bedreigingen waaraan onafhankelijke kritische wetenschappers wereldwijd systematisch ten prooi vallen. Een fors accent ligt uiteraard op het sterk hiërarchische Belgische leger. In het bijzonder belicht zij het gemak waarmee de blauwhelmen op missie worden gestuurd en, als ze ziek terugkeren, in de steek worden gelaten.

 

Omschrijving van het Golfoorlog-/Balkan syndroom

Internationaal blijkt dat gemiddeld20% van de militairen op missie (Golf, Balkan) met (soms ernstige) klachten terugkeert. Welke klachten vallen onder het Golfoorlog-/Balkan- syndroom? Kun je spreken van een syndroom? Door de grote variatie in de waaiers van klachten zijn dit misschien geen goede vragen. Maar het ontkennen van het syndroom opent de deur voor het ontkennen van de klachten. Deze zijn divers en lopen van vermoeidheid tot neurologische uitval. Genoemd worden extreme vermoeibaarheid, koorts, nachtzweet, keelpijn, huidproblemen, nierproblemen, maagdarmklachten, hartklachten, zware hoofdpijn, stoornissen van geheugen en concentratie. De klachten zijn vaak te ernstig om te vallen onder CVS (het chronischvermoeidheidssyndroom). De lading lijkt beter gedekt met ME (myoencefalitis). Beelden en persoonsprofielen zijn zelden representatief voor het Post Traumatisch Stress Syndroom. In 70% van de gevallen worden ook familieleden ziek. Behalve ME-achtige beelden worden ook leukemieën en (bloed-)kankers aan de missies toegeschreven. Vaak is in de literatuur, ook hier, niet duidelijk welke soort maligniteit bedoeld wordt.

Carcinogenen zijn effectiever als het immuunsysteem defect is, bijvoorbeeld bij ME.

Aangeboren afwijkingen  komen verhoogd voor bij babies van Golf-/ Balkan-veteranen. Eerder nog dan aan DU wordt hier gedacht aan blootstelling van de vaders aan chemisch gif (fosfanaten) kort voor de verwekking. Teugels plaatst ook de Bijlmerramp onder dit beeld. Bovendien beschrijft zij vreemde -niet oorlogsgebonden- clusters jaren ’80 in de VS, die systematisch door het CDC worden genegeerd. Is er toen ‘iets’ gebeurd?

 

Oorzaken en ziektebeelden

Psychologische factoren kloppen niet met het ziektebeeld. Klinisch onderzoek, laboratoriumtests en ziektebeelden wijzen op gecombineerde blootstelling aan vooral een soep van chemische en biologische, in mindere mate radiologische factoren die meestal omgevingsgebonden zijn. Daarbij de vele vaccins en andere behandelingen die de militairen ontvingen ter bescherming tegen chemische/ biologische wapens. Cryptische infecties (mycoplasma) kunnen opflakkeren als het immuunsysteem het laat afweten. Nicolson lanceert zelfs een hypothese dat een (opzettelijk?) genetisch gemanipuleerde en zodoende virulente mycoplasma-soort mede voor het ziektebeeld verantwoordelijk is.

 

VS 

Van de 700.000 Amerikaanse Golfveteranen hebben ca. 100.000 klachten. Door ziekte stierven 9.600 Golfveteranen. Het American Institute of Medicine heeft de zieke Golfveteranen onderzocht en het verband met de missies bevestigd noch ontkend.

Nicolson, specialist in de moleculaire fysica en hoogleraar fysiologie aan de VUB, is bekend door zijn omstreden hypothesen en behandeling van grote aantallen Golfoorlog patiënten. Hij verdenkt ook het anthraxvaccin, te weten de component squaleen. Gevaccineerden ontwikkelen in 1995 tot 100% van de gevallen antistoffen tegen squaleen, ook zij die niet zijn uitgestuurd. Squaleen zou bij mensen immuunstoornissen geven met ziektebeelden die passen in het Golfoorlogssyndroom. Nicolson stelt voor om niet te spreken van syndroom maar van Golfoorlogsziekten en deze onder te brengen onder de paraplu van CVS/ME/Fibromyalgie-achtige aandoeningen. Bij een relatief kleine groep zieke veteranen is hersenschade aangetoond.

 

Haley (Universiteit van Texas) ziet verband met chemische blootstelling. De beelden lijken varianten van organophosphate-induced delayed  polyneuropathy, de gevolgen van gecombineerde blootstelling aan insecticiden, anti-zenuwgas pillen (pyridostigmine-bromide) vlooienbanden en zenuwgassen. Onderzoek op PTSS, oorlogsstress en depressie scoorde negatief. De chemische stoffen versterken elkaar. Bij dieren geeft sarin al in lage doses hersenschade. Ook vrouwen en kinderen van de zieke veteranen worden ziek. Haley heeft nu, via immense druk van de veteranen, een budget losgekregen van de Amerikaanse Defensie (DoD).

Omdat lang niet alle veteranen klachten hebben, zoekt het DoD de oorzaak in oorlogsstress, wat de autoriteiten ook het beste uitkomt. Wanneer blijkt dat de ziektebeelden niet gedekt worden met dit begrip, wijkt het DoD uit naar ‘algemene levensstress’, wat dat ook zijn mag. Haley ziet de onderlinge verschillen genetisch: het al dan niet bezitten van een bepaald enzym dat ervoor zorgt dat het lichaam chemische toxines als sarin, soman en pesticiden kan vernietigen. Er werd inderdaad een groot niveauverschil voor dit enzym gevonden tussen zieke en gezonde veteranen.

 

Haley: De wetenschappelijke literatuur geeft sterke aanwijzingen dat blootstelling van de vaders aan organofosfaten/pesticiden, ook mosterdgassen, het aantal aangeboren afwijkingen de hoogte in jaagt. Je vindt dat ook in de landbouw. Een Iraans onderzoek toont aan dat vaders die tijdens de oorlog Iran/Irak (1980-1988) aan mosterd- of zenuwgas zijn blootgesteld, nadien acht keer zo vaak misvormde kinderen kregen als vóór de blootstelling. Omdat er voortdurend doorstroming is in de zaadcelproductie zou het defecte zaad niet zo lang aanwezig zijn. De beschadiging van eicellen blijft het hele vruchtbare leven lang. Alleen in Koerdistan zijnoorlog was de omgeving van Basra een waar chemisch slagveld. Voor het ontbreken van een piek van aangeboren afwijkingen na die oorlog is tot op heden geen verklaring gevonden.

 

Chemisch slagveld

Het DoD blijft de aanwezigheid van gifgas in de Golfoorlog ontkennen. Al in januari ’91 vindt een Tsjechisch detectieteam sarin bij de Saoedie-Iraakse grens. De Amerikaanse detectieapparaten sloegen dagelijks door en werden uitgezet. Ook mosterdgas en fosgeen zijn gedetecteerd. In bezet Koeweit zijn containers met chemische wapens gevonden. Soldaten  van beide landen werden ziek met gelijksoortige klachten, ook hun vrouwen en kinderen. Saddams wapens en de toxische soep op het slagveld zijn van Westerse origine. Senator Riegle (VS), een spijtoptant, houdt tijdens een hoorzitting een woedende speech voor het Congres. Hij citeert uit een indrukwekkende lijst van vóór de Golfoorlog, van leveranties en materialen voor chemische en nucleaire wapens. Vanaf ’84 zijn er lijsten van het Center of Disease Controle (CDC) betreffende biologische wapens. Het  rapport van Riegle is alarmerend: chemische wapens zijn wijd verspreid in de Golfoorlog. Het gas kwam vrij door het bombarderen van chemische installaties, opslag van chemische wapens en bunkers. Na de oorlog kwamen de VN-inspecteurs. Ze vonden tienduizenden stuks chemische munitie en achtentwintig Iraakse scuds met sarin. Riegle dringt aan op het vrijgeven van data, het opsporen van wapens en een groot onafhankelijk epidemiologisch onderzoek van de zieke veteranen en hun families.

 

Gewaarschuwd is er genoeg

In 1997 was het aantal militairen dat aan gifgas is blootgesteld, opgelopen tot bijna 100.000.

* Human Rights Watch vermeldt dat al in ’93/’94 alle NAVO-partners wisten dat het Joegoslavische leger chemische wapens had (Nova-reportage  20/11/1998: ‘Dutchbat en het gifgas’).

* Kort voor de Golfoorlog heeft het L. Livermore lab al voorspeld dat bij het bombarderen van de Iraakse

fabrieken van chemische wapens dodelijke stoffen vrij zouden komen.

* Een voormalig legerarts zag via satellietbeelden rookpluimen opstijgen boven de grootste chemische wapenfabriek van Irak. Dit gebeurde tijdens de eerste twee dagen van de Golfoorlog, waar honderdduizenden  zich opmaakten voor het grondoffensief. Dit gif is tevens gedetecteerd door de Tsjechen.

 

Hoe komt de chemische besmetting tot stand?

Naast bovengenoemd direct contact met gifgas op het slagveld worden ook genoemd het slikken van pyridostygmine tabletten, polyvaccinatie, vooral anthrax, het contact met Iraakse krijgsgevangenen en besmet oorlogsmateriaal, omgevingsgebonden  factoren zoals pre-existente zware milieuvervuiling (Balkan).

Onduidelijk is of op het slagveld biologische wapens aanwezig waren. Deze kunnen bestaan uit een mengsel van goedaardige en virulente organismen, om verwarring te zaaien en detectie te bemoeilijken. In hoge concentratie verlammen biologische wapens het immuunsysteem. Snelle detectie is lastig. Omdat de ontwikkeling (R & D) snel gaat is research voor biologische verdediging een continu proces. Overal blijkt het moeilijk om zieke militairen te laten getuigen. Ze zijn bang om als mietje over te komen, of als rentetrekker, bang om hun baan te verliezen. ‘Een echte man heeft geen problemen’. Enkelen willen tenslotte getuigen, zij het anoniem.

 

Terug naar België

De Kroatische Baranja en Visoko (bij Sarajevo) waar veel Belgische militairen werden ingekwartierd, zijn berucht om hun vervuiling. En uit het sterk vervuilde Lukavac, waar Nederlanders op missie waren, kwam niet 20%, maar 40% ziek thuis. De Belgische overheid ontkent elk verband met de missies en toont geen enkele waardering voor de inzet van de manschappen. Financieel scheept ze de militairen/weduwen af met een schijntje. Een veteraan: “Als je op een landmijn trapt worden je klachten erkend. Maar voor de levenslange invaliditeit tengevolge van ME en erger aanvaardt de regering geen enkele verantwoordelijkheid.” Er blijkt in België geen psychologisch (en somatisch) onderzoek te zijn gedaan vóór de (soms verplichte) missie. Ook werd de locatie niet gescreend (vervuiling, extreme temperaturen). De uitrusting werd niet op de risico’s afgestemd (warme kleding, gasmaskers, NBC pakken). Veteranen klagen over het gebrek aan teambuilding, slechte werkverdeling (alles of niets), slechte huisvesting. Recreatie bestaat uit ’s avonds drinken, zonder limiet.

 

De Belgische regering beterde zijn leven door een zorgvuldige behandeling van zijn Kosovo-gangers. Hun bivak werd nu tevoren onderzocht, ze werden geïnformeerd over DU, hun urine werd vóór en na de missie hierop nagekeken (alleen België doet dit, maar niet op de juiste manier volgens LAKA). Er is nazorg en psychologische begeleiding. Ca. 16.000 Balkan-veteranen kregen een vragenlijst om hun gezondheidsklachten in kaart te brengen. Geen bescherming is geboden tegen het in Kosovo royaal aanwezige asbest. Maar geleidelijk werd de Belgische politiek toch wakker: een wetsvoorstel voor de omgekeerde bewijslast en initiatieven om te komen tot een verbod op DU. De Belgische overheid deed via een vragenlijst onderzoek over het extra aantal kwaadaardige aandoeningen, extra sterfgevallen en postmissie klachten.

 

Het blijkt dat Defensie onvoldoende data heeft bijgehouden over deze zaken, en over zieke en gepensioneerde militairen die de dienst hebben verlaten (15%). Registratie wordt ook bemoeilijkt door de weerstand van de militair om naar de dokter te gaan (bang een mietje te lijken, baanverlies als de arts doorlekt naar superieuren) en de lage status van de Belgische militaire arts (geen vertrouwen, vaak bijbaan). De vragenlijst en de methode zijn volgens de psycholoog prof. Theuns van de VUB  zeer amateuristisch, meer een aanzet tot  inventarisatie, en er is geen controlegroep. Het slechtste is echter dat het leger zelf hier rechter is en partij.

 

Psychologische steun vóór, tijdens en na militaire missies is essentieel. Voortrekker in België is commandant Eric De Soir, psycholoog en psychotherapeut. Aanvankelijk ontmoet hij in het leger grote weerstand. Als zijn ideeën in de media komen, gaat de krijgsmacht in het defensief. De Soir krijgt een ’disciplinair rapport’.

Frequent en/of lang uitgezonden worden (tot 12 keer toe) leidt tot stress. De militairen raken vervreemd wat kan leiden tot echtscheiding. Of hun kinderen krijgen problemen op school. Zingeving is vaak zoek. Een blauwhelm: “De  bewoners mochten we niet helpen. Onze doelstellingen/ opdrachten waren volstrekt onduidelijk, speciaal toen we machteloos in de vuurlinie geraakten tussen Serven en Kroaten (bijna ‘Srebenica’), ‘midden in een vuile oorlog’. We zijn vertrokken met idealen. Maar wat kwamen we daar in hemelsnaam doen?”