China, Rusland en VS hebben niet geratificeerd

 

Internationaal Strafhof bestaat sinds 1 juli 2002!

 

Door: Annie van der Gaag

 

In het begin van deze zomer is er in de media veel commotie geweest over het Internationaal Strafhof, dat op 1 juli j.l. met zijn werkzaamheden is begonnen. In het hier volgende artikel wordt informatie gegeven over dit nieuwe strafhof en wordt kort ingegaan op de gerezen problemen.

 

Inleiding

Veel van de vermelde gegevens zijn afkomstig van de e-mail-berichten van de Coalition for the International Criminal Court (C.I.C.C.), die in 1995 is opgericht. Ze bestaat uit een netwerk van 1000 niet gouvermentele organisaties (ngo’s), deskundigen op juridisch gebied en vertegenwoordigers van andere maatschappelijke groeperingen. Het doel is: pleitbezorging voor een effectief, rechtvaardig en onafhankelijk internationaal strafhof. Dit tracht men te verwezenlijken door het Internationaal Strafhof op regionaal, nationaal en globaal via niveau te promoten en ondersteuning aan de Preparatory Commission (zie later) te geven.

 

Geschiedenis

Gedurende de  laatste halve eeuw zijn er in de gehele wereld 250 conflicten

geweest. Hierbij stierven 86 miljoen mensen, meest vrouwen en kinderen  en meer dan 170 miljoen mensen verloren hun rechten, hun bezittingen en hun menselijke waardigheid. De laatste eeuw wordt wel als de meest gewelddadige aangemerkt.

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties erkende al in 1948, na de processen in Nürnberg en Tokyo, dat er behoefte was aan een permanente instelling om massamoordenaars en oorlogsmisdadigers te berechten. Sindsdien zijn er talloze wetten uitgevaardigd voor het verbod van gifgas en chemische wapens, maar er werd geen systeem tot stand gebracht waarbij individuen juridisch verantwoordelijk werden gesteld. Jarenlang werden er in de Verenigde Naties wel aanzetten voor wetgeving gedaan,(in 1951 was er al een ontwerpstatuut), maar de bloedige gebeurtenissen in Joegoslavië versnelden het proces, wat het gevolg had dat in 1994 door  een daartoe ingestelde commissie van de Veiligheidsraad een ontwerpstatuut  voor het Internationaal Strafhof aan de VN werd aangeboden. De in 1998 daarna ingestelde Preparatory Commission, bestaande uit vertegenwoordigers van staten, kreeg de opdracht de inwerkingtreding van het Internationaal Strafhof verder voor te bereiden. Van 15 juni tot 17 juli 1998 werd er vervolgens in Rome een door de VN gesponsorde conferentie gehouden met gevolmachtigde diplomaten. Het in de weken ervóór behandelde statuut werd door 120 van de 129 vertegenwoordigde landen op 17 juli 1998 ondertekend. Het zou voortaan het Statuut van Rome genoemd worden. Later voegden zich nog tien landen bij de ondertekenaars, zodat het aantal nu 139 bedraagt. De Verenigde Staten was daar ook bij, maar heeft deze ondertekening kortgeleden ongedaan gemaakt. Die 17e juli zal voortaan jaarlijks op velerlei wijzen gevierd worden als:

Worldday for International Justice (werelddag voor internationale gerechtigheid).

Dat gebeurde dit jaar op bescheiden schaal. Op 11 april 2002 overschreed het aantal ratificaties van het Statuut van Rome het vereiste aantal van 60, zodat het Internationaal Strafhof  op 1 juli j.l. in werking is getreden. De landen van de Europese Unie hebben allen het statuut geratificeerd, evenals die uit veel andere, meestal kleine landen. Daarentegen hebben grote landen als China en Rusland niet geratificeerd terwijl de Verenigde Staten  aan deze goedkeuring vanzelfsprekend ook niet meedoet. Men hoopt dat spoedig meer landen tot ratificatie zullen overgaan. Het huidige aantal is  78 (03-09-2002). Alles bij elkaar be-schouwd is het gehele proces van de totstandkoming van het ICC veel sneller gegaan dan men bij het begin had durven hopen, wat er op wijst dat er - na alle bloedige conflicten in heel veel landen - sympathie voor dit nieuwe Internationaal Strafhof bestaat.   Men verwacht echter dat het nog wel tot 2003 zal duren voor het Hof aanklachten kan gaan behandelen, omdat er nog vele aanloopproblemen moeten worden opgelost.

 

De betekenis van het Internationaal Strafhof

Volgens William Pace, secretaris van het C.I.C.C. betekent de oprichting van het Internationaal Strafhof de belangrijkste stap voorwaarts op het gebied van de internationale rechtspraak sinds de oprichting van de Verenigde Naties. Kofi Annan sprak op 11 april 2002 in Rome, bij het bereiken van het benodigde aantal ratificaties, de volgende woorden:  “De beste verdediging tegen het kwaad zal nu het Internationaal Strafhof zijn. Laten we het Internationaal Strafhof tot een effectief instrument maken. Laat het een afschrikkingsmiddel voor de kwaadwilligen zijn en laat het de onschuldigen en hulpelozen een straal van hoop brengen!”

    

De voorbereidingen

Voor dat het Internationaal Strafhof tot berechting over kan gaan moet er nog een staf van o.a.18 rechters worden aangesteld, evenals een openbare aanklager en een griffier. In het document dat het C.I.C.C naar aanleiding van de mijlpaal op 11 april 2002 publiceerde, wordt de nadruk gelegd op de wenselijkheid van openheid bij de benoemingsprocedures, en wat de kandidaten betreft: opeisen van onkreukbaarheid, van deskundigheid en van ervaring met internationale wetgeving. Verder wijst men op een adequate vertegenwoordiging van de diverse landen in de wereld, maar ook op die van vrouwelijke deelnemers. Men uit kritiek op de manier waarop de samenstelling van andere internationale colleges vaak tot stand kwam (men wil bijvoorbeeld onderhands onderhandelen vermijden), opdat de meest gekwalificeerde kandidaat gekozen wordt.

 

De Nederlandse regering heeft, als gastheer van het Internationaal Strafhof, een, uit internationale experts bestaand, voorhoedeteam samengesteld dat na 1 juli voor ontvangst en registratie van de binnengekomen klachten zorgt. Het Internationaal Strafhof zal in Den Haag zetelen. Als tijdelijke huisvesting is een eerder gebruikt KPN-gebouw aan de Maanweg de ‘Haagse Ark’ geheten(in Voorburg) toegewezen. Dit in afwachting van nieuwbouw, waarvoor de architect  door middel van een internationale competitie zal worden gekozen. Hierbij denkt men aan een bouwwerk dat  voor de zeer vele verschillende noodzakelijke functies moet dienen, waardoor de ruimtelijke indeling zeer complex moet worden. Het gebouw moet ook nog zijn bijzondere functie uitstralen, omdat de komst een mijlpaal in de geschiedenis betekent. Daarnaast heeft men voorkeur voor  gebruik van natuursteen, maar ook voor veel glas en groen, zodat verdachten en slachtoffers zich er thuis zullen voelen. Men verwacht dat het nieuwe strafhofgebouw, dat op het terrein van de Alexanderkazerne komt, in 2007 klaar zal zijn. Ook zal er nog een grote hoeveelheid denkwerk verricht moeten worden om de vele noodzakelijke regels en procedures vast te stellen. De data waarop de vele beslissingen worden genomen zijn vastgesteld en de preciese agenda’s bepaald. En vanzelfsprekend moet de financiering van het Internationaal Strafhof geregeld worden, zoals dat trouwens ook voor de voorbereidingscommissie moest gebeuren. Voor dat doel bleek de Europese Unie en vele afzonderlijke landen (ook Nederland) bereid steun te verlenen, evenals enkele particuliere sponsors en betrokken ngo’s.

De Nederlander Edmund Wellenstein, die belangrijke functies o.a. op de departementen van Economsche Zaken en van Defensie heeft bekleed, krijgt in dit opbouwproces een centrale taak. Hij wordt hoofd van de Nederlandse speciale eenheid (Task Force) voor het Internationaal Strafhof. Hij wordt bijgestaan door een commissie die uit dertig mensen bestaat, namelijk vertegenwoordigers van de departementen van Buitenlandse Zaken, Defensie, Justitie, Huisvesting, Sociale Zaken, Binnen-landse Zaken en ook van de afdeling Financiën van de gemeente Den Haag. Daarnaast wordt hierbij een

groot aantal adviseurs betrokken. In een interview geeft hij aan dat de onderzoekmethode (nl. via gesprekken) van de voorbereidende commissie van veel belang is geweest. Hij hoopt dat de landen en de vele ngo’s over de gehele wereld het ICC van informatie zullen blijven voorzien. Bij deze ‘voorgeschiedenis’ dient ook nog vermeld te worden dat in ieder land, dat geratificeerd heeft, ook nog een proces in gang moet worden gezet, om de wetgeving in dat land in overeenstemming te brengen met het Statuut van Rome.

 

Om welke misdrijven gaat het?

Het nieuwe permanente strafhof is bedoeld voor berechting van individuele personen die oorlogsmisdaden, genocide en misdaden tegen de menselijkheid of misdaden van aggressie hebben gepleegd. (Dit in tegenstelling tot het Internationaal Gerechtshof, dat in het vredespaleis zetelt, en recht spreekt in de geschillen, die de staten aan zijn oordeel onderwerpen).

Mensen als de Chileense dictator Pinochet  zouden door het Internationale Strafhof evenals de soldaten-verkrachters uit het recente verleden be-recht kunnen worden. Het Hof zal echter niet met terugwerkende kracht gaan berechten.

                                                                                                                                          

Stok achter de deur

Het ligt niet in de bedoeling om de berechting van mensen, die verdacht worden van bovengenoemde misdaden in hun eigen land af te schaffen.

Integendeel: het Internationale Strafhof treedt pas op als de rechtspraak in eigen land gefaald heeft, dus vervult een complementaire functie. Daarbij kan men ook mensen berechten, wier thuisland het Statuut van Rome niet geratificeerd heeft, namelijk in het geval dat de misdaad gepleegd is in een land dat wél aangesloten is. Belangrijk is verder dat er voor ieder proces een vooronderzoek moet plaats vinden. Dit pre-trial zal uitgevoerd worden door een college, dat uit drie rechters bestaat en wier toestemming vereist is vóór het onderzoek van het Strafhof plaats kan vinden. De betrokken staten en de beschuldigde zelf kunnen trouwens ook bij dit college de rechtsgrond van de aanklacht betwisten. Getuigenis van misdaden is voor het Strafhof zeer belangrijk. Echter, getuigen kunnen niet gedwongen worden verklaringen af te leggen. Dit is van belang voor de zg. vredessoldaten en ook voor journalisten die aanwezig zijn geweest bij bovengenoemde misdaden. Oorlogscorrespondenten zullen door de komst van het Strafhof nog meer risico’s lopen dan nu al het geval is. Deze constatering was een argument voor de journalist Shapiro om het Internationaal Strafhof af te wijzen, waarbij hij de weigering van een journalist voor het Strafhof voor Joego-slavië te getuigen, aanhaalt.

(The New York Times, van 20 juni j.l.)

 

Het Strafhof fuctioneert onafhankelijk

De assemblée van deelnemende landen kan over de rechtsgang geen invloed uitoefenen. Zij zal vooral ook managementsproblemen op moeten lossen. Ook t.a.v. de Verenigde Naties geldt die onafhankelijkheid, hoewel een aantal bevoegdheden van de Veiligheidsraad in het Statuut van Rome is vastgelegd. Zo kan de Veiligheidsraad verdachten aanbrengen en ook zal een verzoek van dit orgaan om een jaar uitstel altijd gehonoreerd moeten worden (artikel 16 van het Statuut van Rome). Zo’n verzoek kan bijvoorbeeld gedaan worden als vredesbesprekingen tussen staten door een Strafhofproces belemmerd zouden worden. Dit verzoek  kan onder dezelfde omstandigheden verlengd worden.

 

Consequenties veroordeelde

Overeenkomstig internationale  opvattingen over mensenrechten kan er door het Strafhof geen doodvonnis worden uitgesproken. Wél kan er tot gevangenisstraf (afhankelijk van de ernst van het misdrijf, oplopend tot 30 jaar) worden veroordeeld. Er komt een lijst van landen, die bereid zijn (eventueel onder voorwaarden) veroordeelden gevangenisstraf op hun grondgebied te laten ondergaan. Het Hof kan ook boetes opleggen of tot verbeurdverklaring van goederen besluiten, als die inderdaad van de begane misdaad stammen.

 

Compensatie slachtoffers

Het Hof kan tot herstel, compensatie en rehabilitatie besluiten en daarmee de schuldige belasten. Er wordt een Financieel Fonds ten gunste van de slachtoffers en hun families  ingesteld. Het geld hiervoor zal bijeengebracht worden door het innen van de door het Hof opgelegde boetes en verbeurdverklaringen.

 

Het Statuut van het Internationaal Strafhof

In het 88 bladzijden beslaand Statuut  zijn alle in Rome vastgestelde regels uitvoerig vastgelegd. Zo zijn er alleen aan de omschrijving van strafbare misdaden al 8 bladzijden gewijd. T.a.v. de misdaad van aggressie ontbreekt echter de omschrijving omdat men het hierover niet eens is geworden. Na 7 jaar zal men tot evaluatie van het Statuut overgaan en dan tevens over agressie en over andere zaken, als de preciese omschrijving

van de relatie tot de Verenigde Naties, meer duidelijkheid geven.

                                                                                                                                                   

Oppositie

Helaas ondermijnen enkele landen, waarvan de Verenigde Staten het belangrijkste is, het gezag van het Strafhof. De voornaamste redenen  hiervoor zijn: angst voor verlies van de souvereiniteit over ‘s lands onderdanen en voor politiek gemotiveerde vervolgingen. Dit blijkt uit :

1. de door president Bush  op 2 au-gustus jl ondertekende Supplemental Appropriation Act, die bedoeld is voor verder herstel van en verweer tegen terroristische aanvallen op de Verenigde Staten. Deze wet houdt in:

a. een verbod op samenwerking en het delen van inlichtingen met het

Internationaal Strafhof;

b. een beperking van Amerikaanse deelname aan vredesmissies;

c. een onderdeel van de wet, genaamd: de American Servicemembers Protection Act (ASPA). Door deze wet kan een Amerikaanse gevangene van het Internationaal Strafhof gewapenderhand bevrijd worden (spottend door een lid van van de Democratische fractie the war of the tulips genoemd);

d. dat aan landen, die het statuut van Rome hebben geratificeerd, Amerika

militaire steun kan onthouden.

Enkele lichtpunten: Wél heeft de president onder bepaalde omstandigheden de bevoegdheid van bovengenoemde verboden af te zien en in sommige gevallen zal met het Internationaal Strafhof samengewerkt kunnen worden (als het om verdachten uit andere landen gaat).

 

2. Een bij de Veiligheidsraad ingediend voorstel om vredessoldaten immuniteit te verlenen ten aanzien van de jurisdictie van het Internationaal Strafhof.

* Indien dit voorstel niet aangenomen zou worden zouden de Amerikaanse peacekeepers uit Bosnië teruggetrokken worden. Dit voorstel is in strijd met de regel dat het Hof  ‘zonder aanziens des persoons’ zal handelen.

** Op 12 juli 2002 is tenslotte na weken onderhandelen in de Veiligheidsraad unaniem een resolutie  aangenomen, waardoor soldaten van vredesmissies afkomstig uit een land, dat het Statuut van Rome niet geratificeerd heeft, vrijgesteld worden van vervolging door het Internationaal Strafhof voor de duur van één jaar. Deze regeling kan jaarlijks bij besluit van de Veiligheidsraad herhaald worden. De vredesmissies kunnen dus voorlopig blijven bestaan. Het besluit van de Veiligheidsraad wordt betreurd door vele voorstanders van het Strafhof, waarbij de nadruk wordt gelegd op het verkeerde gebruik van het Handvest van de VN en van het Statuut van Rome. Daarnaast wijst men ook op het (gelukkige) feit dat er niet gekozen is voor blijvende immuniteit voor de vredessoldaten. Bovendien wijst men erop dat voor berechting van bovengenoemde ernstige misdaden de eerste verantwoordelijkheid nog steeds bij het eigen land ligt.

 

3. Sindsdien is Amerika campagne gaan voeren voor bilaterale verdragen met afzonderlijke landen over artikel 98 van het Statuut van Rome. Dat houdt in dat Amerika en dat andere landen zich verplichten geen verdachten uit te leveren aan het Internatio-naal Strafhof, als daar niet door beide betrokken landen toestemming voor is verleend. Tot nu toe is zo’n verdrag met Amerika door Roemenië, Israel, Oost Timor en Tadzjikistan afgesloten. 

 

Amnesty International betwist echter deze verdragen, wat betreft Roemenië en Tadzjikistan. Beide landen hebben namelijk het Statuut van Rome geratificeerd, hetgeen betekent dat zij ook artikel 86 hiervan hebben ondertekend. Dit artikel houdt in dat de aangesloten staten volledig zullen samenwerken met het Strafhof, als de gepleegde delicten onder de jurisdictie van dit Hof vallen. De Amerikaanse hoogleraar Ben Ferencz, die openbaar aanklager is geweest in Nürnberg bij de processen na de Tweede wereldoorlog, schrijft in een brief aan de Coalitie voor het Internationaal Strafhof met als titel ‘Het publiek is misleid over het Strafhof’: “De beste manier om onze militairen en de wereldvrede te beschermen, is door universele toepassing van wettelijke gelijkheid voor iedereen.”

 

Conclusie

De oprichting van het Internationaal Strafhof is een feit en dit orgaan zal, hoewel er nog veel tot ontwikkeling moet worden gebracht, binnen afzienbare tijd gaan functioneren. Het  is te betreuren dat dit nieuwe orgaan ‘gehandicapt’ is, doordat het Statuut van Rome slechts op een deel van de werelbevolking van toepassing is. De toekomst zal leren of de aanvangsproblemen van het Strafhof opgelost zullen worden en of het bestaan ervan inderdaad invloed heeft op het vraag-stuk van oorlog en vrede. In ieder geval zal men goed moeten beseffen dat onze global society door het bestaan van het Strafhof zal veranderen. Het is daarom zaak de consequenties van tevoren goed onder ogen te zien.

 

* in het verleden zijn er trouwens door vredessoldaten wel degelijk misdaden gepleegd.

** Hier zijn wél uitzonderingen op: zo zijn jongeren beneden 18 jaar altijd en mensen met psychische stoornissen, in bepaalde omstandigheden vrijgesteld van vervolging door het Strafhof.

 

Literatuur:

De speciale editie van de I C C  UPDATE,

uitgegeven t.g.v. 11 april 2002, waarin ook

een interview met de heer E.Wellenstein is opgenomen. Webside:www.ICCnow.org