De historische ontwikkeling van de mens wordt vooral bepaald door zijn voortdurend streven naar meer onafhankelijkheid 

De moeilijke weg van gehoorzame tot verantwoordelijke burger

 Door Jef De Loof

De historische ontwikkeling van de mens wordt beheerst door een paar duidelijke krachtlijnen. De belangrijkste hiervan is zijn voortdurend streven naar meer onafhankelijkheid, in de eerste plaats naar meer onafhankelijkheid van de natuur. Hiervoor ontwikkelt en gebruikt hij telkens nieuwe, meer geperfectioneerde technische middelen. Als gevolg van deze evolutie verandert ook zijn leefpatroon en ontstaan nieuwe sociale structuren. De mens wordt onafhankelijker, niet alleen van de natuur, maar ook van zijn directe sociale en maatschappelijke omgeving. De autonomie van het individu neemt toe.

 De primitieve gemeenschappen bestonden uit een relatief klein aantal leden, die een hechte samenleving vormden, gebaseerd op een goed afgelijnde en algemeen erkende hiŽrarchie. De bestaande leefnormen waren duidelijk, verankerd in traditie en verzekerd door de rechtspraak. Een rechtspraak die klaar omlijnd was en de voorrechten van de hiŽrarchisch hogere erkende. Tegen de uitspraak was meestal geen beroep mogelijk. Wie hoger stond wist het beter en had het ook beter. In een dergelijke gemeenschap is gehoorzaamheid de hoofddeugd, ongehoorzaamheid de hoofdzonde. Gehoorzaamheid, in feite blinde gehoorzaamheid, gold voor iedereen, voor het kind tegenover zijn ouders en opvoeders, voor Jan Modaal ten opzichte van de overheid, voor wie hiŽrarchisch lager stond tegenover de hogergeplaatste. De hoogste gezagvoerder tenslotte was alleen gehoorzaamheid verschuldigd aan hogere machten, aan goden, aan een of andere goddelijke instantie, een ongecontroleerde gehoorzaamheid naar eigen interpretatie.

Vragen kon, mocht je zelfs niet stellen. 'Waarom?' werd beantwoord met 'daarom'. Dikwijls werd het zelfs gezien als een gebrek aan vertrouwen.

 Omdat geloof en vertrouwen in hogere instanties de basis van dit systeem vormden, mochten ouders, leerkrachten, overheden naar buiten toe nooit in de fout gaan. Verantwoording geven moest je alleen naar boven, deed je nooit naar lagere instanties. Veel moest verborgen blijven, recht op informatie had je niet. Dank zij de beperkte communicatiemogelijkheden kon een dergelijke maatschappij zich lange tijd handhaven.

 Omdat macht in zo een maatschappij een zeer belangrijke rol speelde, en macht enkel door geweld opgebouwd en gehandhaafd kon worden, was geweld op alle niveau's gebruikelijk. Alleen geweld kon orde verzekeren. Geweld werd dan ook als een normaal repressiemiddel gezien van ouders tegenover kinderen, leerkrachten tegenover leerlingen, meesters tegenover slaven, rijken tegenover armen. Oorlogsgeweld bepaalde de verhoudingen tussen landen en volkeren.

 Zeer geleidelijk, wereldwijd in een verschillend tempo, verandert dit maatschappijbeeld. De goed aaneensluitende samenleving, waarin iedereen zijn plaats kende, waarin je verondersteld werd je eigen plaats te aanvaarden, ook als ze helemaal onderaan lag, wordt stilaan minder en minder aanvaard. De onrechtvaardigheid, inherent aan dit systeem, maakt meer en meer mensen opstandig. Vrijheid, gelijkwaardigheid en broederlijkheid worden de nieuwe waarden. Ze blijken echter niet zo gemakkelijk toe te passen omdat naast die nieuwe mensenrechten een vierde waarde, de verantwoordelijkheid van iedereen, er aanvankelijk aan ontbreekt: het recht op, en de plicht tot het opnemen van verantwoordelijkheid. Niet te verwonderen, want voor de gehoorzame burger was dit totaal nieuw. Hij kon noch mocht tot dan toe enige eigen verantwoordelijkheid opnemen.

Het gaat hier om de belangrijkste mutatie die zich in de mensheid aan het voltrekken is. Een mutatie die al een hele tijd bezig is en minstens nog enkele decennia in beslag zal nemen. Belangrijke breekpunten in deze evolutie zijn de Franse Revolutie en misschien nog fundamenteler, het einde van de Tweede Wereldoorlog, als voor het eerst 'Befehl ist Befehl' ontwaard wordt en vervangen door de plicht tot het opnemen van eigen verantwoordelijkheid, zelfs tegen wat tot dan toe het heiligste bevel was, het militaire bevel.

 We bevinden ons vandaag in een moeilijke tussentijd, chaotisch en onstabiel. Op vele plaatsen, in vele landen, geldt nog altijd de oude hiŽrarchische gehoorzaamheid. Maar talrijker worden zij die zich verzetten en niet meer akkoord gaan met het blind volgen van bevelen, met het kortwieken van de mensenrechten.

Anderzijds zijn velen zich nog niet bewust van hun verantwoordelijkheid, of niet in staat die verantwoordelijkheid op te nemen. Ze worden er ook te weinig toe opgeleid. Voor een groot deel omdat de verantwoordelijken voor opvoeding, opleiding en beleidscommunicatie nog bevreesd zijn voor de gevolgen van dit consequent opnemen van verantwoordelijkheid door elke burger. Opnemen van verantwoordelijkheid vereist bovendien een transparante maatschappij, en een opleiding tot kritische burger aan de hand van open informatie, iets waar we zeker nog niet aan toe zijn.

 Onze wereld zwalkt tussen twee systemen met al de gevolgen vandien. De negatieve gevolgen van het vroegere systeem, het geweld en de verdrukking, blijven de wereld domineren, schijnen zelfs te verergeren door de toegenomen technische mogelijkheden. Het is een periode waarin vooral het loslaten van de vroegere waarden ons treft. Bestaande evenwichten worden verbroken, zekerheden verdwijnen. Er gebeuren dingen die we vroeger onvoorstelbaar zouden gevonden hebben. Terwijl positieve realisaties niet alleen traag en in beperkte mate gerealiseerd worden, maar door velen zelfs niet als positief aangezien worden. Met als gevolg onzekerheid, een gevoel van onveiligheid, van onbehagen om mogelijke morele en materiŽle achteruitgang van onze maatschappij, tot vrees voor een totale ramp, voor de ondergang van de mensheid.

 Terwijl het in feite gaat om een onvermijdelijke crisisperiode op weg naar het voltrekken van een uiterst belangrijke positieve mutatie van de menselijke maatschappij. Het loslaten van onveranderlijke zekerheden is als het afbreken van een huis terwijl je er in woont, waarbij men je op de koop toe nog zegt dat je zelf verantwoordelijk bent voor en moet meehelpen aan het opbouwen van een nieuw en beter huis. Het is niet te verwonderen dat sommigen die zich inzetten voor het realiseren van deze omwenteling in de menselijke samenleving er de moed bij verliezen. De evolutie verloopt immers niet rechtlijnig. Conservatieve krachten nemen tussendoor tijdelijk weer de bovenhand en zij die vooruit willen begaan soms fouten in het zoeken naar nieuwe wegen. Alleen een realistisch optimisme kan ons tegen deze ontmoediging beschermen.

Waar het vroegere wereldbeeld vertrok van een pessimistische kijk op een onverbeterlijke, niet te veranderen slechte wereld, waarin we niets anders konden doen dan hem trachten instand te houden met zo weinig mogelijk misŤre, wordt ons nu voor het eerst de kans gegeven te groeien naar een betere, menselijker, meer solidaire wereld van vrije burgers. Het behoort tot ieders verantwoordelijkheid hieraan mee te werken.

 In de eerste plaats geldt dit voor hen die enige invloed kunnen uitoefenen op hun medemensen, zij die iets te maken hebben met opvoeding, opleiding, informatie en begeleiding. Wat zeker op ons, artsen, van toepassing is.

 

Terug naar inhoud nieuwsbrief