‘Standpuntbepaling lokale conflicten’

Resultaten leden-enquÍte

Bij de laatste nieuwsbrief was een korte vragenlijst gevoegd met als titel ‘Standpuntbepaling lokale conflicten’. Aanleiding hiertoe was, onder meer, een artikel van Guido Vanham over het IsraŽlisch-Palestijns conflict.

Vanham is van mening dat NVMP en AVV zich duidelijker moeten uitspreken over deze slepende kwestie. Een ‘neutrale’ opstelling is niet van toepassing omdat VN-resoluties niets aan duidelijkheid te wensen overlaten. Op basis daarvan moet IsraŽl zich terugtrekken uit de bezette gebieden en de terugkeer van Palestijnse vluchtelingen erkennen. Maar los je daarmee het conflict op? Immers ook al is er een morele verplichting je als vereniging uit te spreken dan nog begeef je je op een gevaarlijk pad waarbij in ieder geval duidelijke regels en beperkingen moeten worden vastgelegd.

Vraag 1

Bent u van mening dat NVMP en AVV een standpunt moeten innemen over het IsraŽlisch-Palestijns conflict?

- ja 62%

- nee 23%

- geen mening 15%

Vraag 2

Vindt u dat NVMP en AVV stelling moeten nemen tegen ťťn van de partijen in het IsraŽlisch-Palestijns conflict?

- ja, een van de partijen moet worden veroordeeld 16%

- nee, de schuld ligt bij beide partijen 68%

- geen mening 16%

Vraag 3

Bent u het eens met de volgendestelling?‘Wanneer je je niet uitspreekt in een conflict als de IsraŽlisch-Palestijnse kwestie ben je medeverantwoordelijk voor de gevolgen’.

- ja 45%

- nee 38%

- geen mening 17%

Vraag 4

Bent u het eens met de volgende stelling?‘Bij een gewapend lokaal conflict, burgeroorlog, heeft preventie gefaald. NVMP en AVV moeten zich in zo’n situatie neutraal opstellen en nooit de kant van ťťn van de strijdende partijen kiezen’

- ja 44%

- nee 34%

- geen mening 22%

De scores op de vragen

Vraag 1

Bij de beantwoording van vraag1 blijkt dat het merendeel van de leden van mening is dat je terdege een standpunt moet innemen in het IsraŽlisch-Palestijns conflict. Opgemerkt moet worden dat ‘standpunt’ wel iets anders kan zijn dan ‘stelling nemen tegen’ zoals bedoeld in vraag 2. Immers een standpunt kan ook zijn dat je je niet uitspreekt over de schuldvraag.

Vraag 2

Uit de antwoorden op de tweede vraag blijkt dat het overgrote deel van de leden vindt dat beide partijen schuldig zijn en niet slechts ťťn van hen moet worden veroordeeld.

De beantwoording van de eerste twee vragen ligt in de lijn van wat je zou verwachten.

Vraag 3

Vragen 3 en 4 vormen een soort terugkoppeling naar de eerste vragen en waren bedoeld om na te gaan of mensen dicht bij hun mening blijven. Vraag 3 laat een beeld zien dat min of meer in balans is. Lang niet iedereen is van mening dat, mocht je je niet uitspreken, je medeverantwoordelijk bent. Overigens, zoals iemand terecht opmerkte, wil dat niet zeggen dat je gevrijwaard bent van medeverantwoordelijkheid als je je wŤl uitspreekt.

Vraag 4

Ook hier is sprake van een zekere balans in het aantal voor- en tegenstanders. Over de formulering van deze vraag kreeg ik enige opmerkingen: er zouden twee dingen gevraagd worden, de stelling was onduidelijk en het woord ‘nooit’ te absoluut. Iemand merkte op ‘ik zeg nooit ‘nooit’’, in de regel moeten we ons neutraal opstellen maar uiteindelijk hangt het helemaal af van de aard van het conflict’.

Ook was er commentaar op de vragenlijst als geheel. Heel kernachtig was de opmerking ‘je kan geen gesimplificeerde enquÍte (4 vragen) houden over een complex vraagstuk als het IsraŽlisch-Palestijns conflict’. Een juiste typering. Natuurlijk zijn vier vragen volstrekt onvoldoende om een dergelijk onderwerp uitputtend te belichten, laat staan uit de resultaten verregaande conclusies te trekken.

De bedoeling van het lijstje was vooral het onderwerp aan te stippen en de lezers te prikkelen hun eigen visie te geven in de open ruimte onder de vragen. Dit doel is zeker bereikt want maar liefst tweederde van de respondenten gaf in een commentaar zijn ge-dachten of aanvullingen weer. Een bloemlezing volgt hieronder.

Bloemlezing

"Een standpunt innemen in dit conflict ‘ja’, een veroordeling ‘nee’ dat leidt tot het einde van communicatie".

"Een positie, stelling innemen hierover hoort niet bij de NVMP, hou het bij voorlichting, bewustwording,

‘bruggenbouwen".

"Je moet gťťn partij kiezen maar geweld van beide zijden veroordelen".

"Beschuldigen roept ontkennen op".

"Een partijdig iemand kan niet bemiddelen".

"Je moet alleen een standpunt innemen in de zin van ‘uitstijgen boven’ de strijdende partijen".

"Standpunten zijn noodzakelijk om een discussie op gang te brengen".

"Een standpunt innemen is heel moeilijk, de informatie die ons via de media bereikt is altijd gekleurd en vaak eenzijdig".

"De schuldvraag heeft alleen zin als de beantwoording ervan bijdraagt aan de oplossing".

"Bij het bepalen van een standpunt is het noodzakelijk recht te doen aan de angsten van beide partijen".

Meer in detail hoe NVMP en AVV de problematiek van lokale conflicten moeten benaderen las ik onder meer:

"Nodig is een grondige analyse van de wordingshistorie van het conflict en de huidige stand van zaken".

"Het beantwoorden van een schuldvraag wordt bepaald door het punt waar men de geschiedenis laat beginnen".

"Aangeven welke stappen beide partijen zouden moeten zetten om tot deŽscalatie te komen".

"Uitkijken met eenzijdige opstelling, creŽer ‘win-win situaties’ in de zin van ‘hoe zouden we hier uit moeten komen’, in de neutrale opstelling ligt juist de kracht".

"Concentreer je door verantwoordelijken te wijzen op de enorme gezondheidsschade van het conflict".

"Benadruk de onaanvaardbare rol van minderjarigen, kindsoldaten".

"Van essentieel belang is dat erkend wordt dat er zich een ‘burgeroorlog’ afspeelt tussen IsraŽliŽrs en Palestijnen. Het ‘conflict’ wordt nu afgedaan door IsraŽl als acties van ‘enkele terroristen’ of ‘opstandige groepen’ waartegen opgetreden kan worden door middel van ‘politionele actie’ en ‘ordehandhaving’. Dit verhullende taalgebruik doet af aan de ernst van het conflict".

"Het geweld dat strijdende partijen gebruiken moet altijd worden veroordeeld. Ten allen tijde moet geijverd worden voor een niet-militaire oplossing. Je kunt wel de kant kiezen van ťťn van de betrokken partijen maar niet voor het (tegen)geweld door die ‘goede’ partij gebruikt".

Kortom een schat aan waardevolle opmerkingen en wijze adviezen. Een samenvattende conclusie zou afbreuk doen aan al het hier genoemde. Duidelijk is dat in het geval van het IsraŽlisch-Palestijns conflict sprake is van een lange,

slepende aangelegenheid die niet eenvoudig valt te analyseren en waarover zeer moeilijk een eenduidig standpunt is te bepalen. Het veroordelen van slechts ťťn van de partijen lijkt uit den boze. Maar natuurlijk zijn er wereldwijd nog veel meer conflicten waarover je je kan, dan wel moet, uitspreken.

In het najaar zullen AVV en NVMP een symposium organiseren over deze problematiek. Wij nodigen u alvast uit op deze gelegenheid aanwezig te zijn en verder met ons mee te denken. Wordt vervolgd!

Terug naar inhoud Nieuwsbrief