Verarmd uranium in wapens en acute na-oorlogse gezondheidsproblemen

Een IPPNW beoordeling

De militaire coalitie, door de Verenigde Staten aangevoerd, die in 1991 in de Golfoorlog heeft gevochten, heeft naar vermeld zo’n 300 ton ammunitie met verarmd uranium (DU) gebruikt tegen Iraakse tanks en andere gepantserde voertuigen. Tijdens de oorlog in de Balkan in 1999 heeft de NAVO-strijdmacht zo’n 11 ton DU gebruikt in raketten die werden afgevuurd naar voormalig JoegoslaviŽ.

DU-wapens zijn militair nuttig omdat de dichtheid en de treksterkte van uranium (dat betrekkelijk goedkoop is en in ruime mate voorhanden) er bijzondere pantser-doorborende eigenschappen aan verleent. Bezorgdheid over de mogelijke gezondheids-effecten van DU-wapens ontstaat in hoofdzaak op grond van de directe en lange termijn besmetting met uranium in de gebieden waar deze wapens worden gebruikt. Bij doorboring verbrandt bijvoorbeeld zo’n 20% van het DU spontaan, waardoor een fijne aerosolnevel van uraniumoxide ontstaat die gemakkelijk kan worden ingeademd en zich in de longen vastzet. Fragmenten van DU-wapens liggen overal op de slagvelden verspreid en kunnen zich als granaatscherven bij mens en dier in het vlees vastzetten.

In de maanden en jaren na deze beide gewapende conflicten heeft een groot aantal soldaten, leden van de VN-vredesmacht en burgers onverwachte en onverklaarde gezondheidsproblemen gekregen waaronder een overmaat aan gevallen van leukemie en andere vormen van kanker, neurologische stoornissen, geboorteafwijkingen en een groep symptomen die men losjes onder de noemer ‘golfoorlogsziekten’ rangschikt. Vanwege zijn radioactiviteit en chemische toxiciteit wordt DU in de pers en bij publieke forums in verband gebracht met deze gezondheidsproblemen. Sommige tegenstanders van DU-wapens hebben categorisch volgehouden dat blootstelling aan DU de directe oorzaak is van deze overmaat aan kankergevallen. VS- en NAVO-autoriteiten, het gepubliceerde onderzoek naar gezondheidseffecten van uranium aanhalend, hebben DU van de hand gewezen als een potentiŽle oorzaak van de acute gezondheidseffecten die men aan de stof toeschrijft.

IPPNW betreurt het gebruik van wa-pens met verarmd uranium en steunt de oproep in de Europese Gemeenschap en elders voor een verbod op het gebruik ervan. Wij dringen echter aan op zorgvuldigheid bij het doen van categorische instemmende of ontkennende uitspraken betreffende gezondheidseffecten, totdat systematisch, onafhankelijk, peer-reviewed onderzoek naar blootstelling aan verarmd uranium is gedaan. De regering van de VS en de NAVO hebben een dure plicht ervoor te zorgen dat onafhankelijke, onbevooroordeelde onderzoekers de fondsen, gegevens en toegang krijgen om dergelijk onderzoek te verrichten. De Wereldgezondheids-organisatie heeft gevraagd om twee miljoen dollar als onmiddellijke financiering vooruitlopend op een vier jaar durend klinisch onderzoek - kosten 20 miljoen dollar - naar gezondheidseffecten van DU in Irak en de Balkan. De VS en de NAVO hebben de verplichting prompt en onvoorwaardelijk aan de WHO de fondsen te verschaffen voor werk op dit terrein.

Terwijl het peer-reviewed onderzoek naar gezondheidseffecten van blootstelling aan natuurlijk uranium wordt afgezet tegen de waarschijnlijkheid dat blootstelling aan DU, op zichzelf, mogelijk een toename van leukemie of andere vormen van kanker heeft veroorzaakt in de betrekkelijk korte periode dat het in het milieu van de Balkan verspreid is geraakt, zijn de wetenschappelijke gegevens tegenstrijdig en kan de mogelijkheid niet worden uitgesloten. Het Bureau van de Speciale Assistent voor Golfoorlogziekten, die rapporteert aan het Amerikaanse Ministerie van Defensie, heeft zelf verklaard dat DU onder specifieke omstandigheden chemisch toxisch kan zijn en een radiologisch risico kan vormen. Bovendien zijn verontreinigingen die mogelijk terecht zijn gekomen in de DU-munitie die, hetzij in de Golfoorlog hetzij in de Balkan, is gebruikt - waaronder plutonium, actiniden en het sterk radioactieve opgewerkte isotoop U-236 - zonder enige twijfel ernstige bedreigingen voor de gezondheid, en de mate waarin at-risk populaties mogelijk blootgesteld zijn geweest aan deze stoffen moet zonder uitstel en diepgaand door onafhankelijke wetenschappers worden onderzocht.

Geallieerde en Iraakse soldaten en burgers zijn voor, tijdens en na de Golfoorlog blootgesteld geweest aan veel andere gezondheidsrisico’s. Deze bestonden onder meer uit multipele vaccins, insecticiden en bescherming tegen chemische wapens. Alle strijdgassen die vrijkwamen bij het bombarderen van munitieopslag in Irak kunnen een extra risico vormen (evenals de resten van chemische wapens uit de voorafgaande Iran-Irak oorlog). De hevige petrochemische branden die wekenlang aanhielden tegen het einde van de oorlog droegen bij aan de toxische belasting. In voormalig JoegoslaviŽ werden tijdens de NAVO-luchtaanvallen chemische fabrieken bestookt en vernietigd en grote hoeveelheden toxische chemische stoffen, waaronder erkende carcinogenen, kwamen vrij. Risico-factoren kunnen elkaar beÔnvloeden (zo versterkt roken het gevaar van blootstelling aan straling onder werkers in uraniummijnen).

Het British Medical Journal concludeerde in een recent redactioneel commentaar dat ‘het argument voor uranium als oorzaak van leukemie bij vredesmachten niet sterk is, ondanks de korte latentietijden die hier aan de orde zijn, zelfs naar de maatstaven van hematologische maligniteiten’, en dat met betrekking tot andere ziekten dan kanker ‘geen afzonderlijke factor als kandidaat kan worden aangemerkt als gemeenschappelijke verklaring daarvoor, inclusief DU’. Het wijzen op deze andere blootstellingen als mogelijke bijdragen aan naoorlogse gezondheidsproblemen is niet hetzelfde als DU-wapens vrij pleiten zolang er geen onafhankelijk klinisch onderzoek is gedaan onder de populaties die in feite blootgesteld waren.

Verarmd uranium:de feiten in het kort

Natuurlijk uranium bestaat uit drie isotopen: U-238 (99,3%), U-253 (0,7%) en U-234 (0,006%). Deze isotopen vervallen met snelheden die onderling sterk verschillen, in wetenschappelijke taal halfwaardetijd genoemd. Een kortere halfwaardetijd betekent intensere straling en in het algemeen een groter vermogen om cellen te beschadigen of te vernietigen. De halfwaardetijd van U-238 - de tijd waarin zijn radioactiviteit tot de helft is teruggebracht - is 4,5 miljard jaar; die van U-235 710 miljoen jaar; en die van U-234 250 duizend jaar. Ter vergelijking, de halfwaardetijd van plutonium - dat zelfs in microscopisch kleine hoeveelheden dodelijk kan zijn - is 24.000 jaar.

Verarmd uranium is het afvalprodukt van een proces dat men uraniumverrijking noemt - de vervaardiging van uranium met een concentratie van sterk radioactief U-235 voor gebruik in kernwapens en kernenergiecentrales. DU dat is ontdaan van zijn U-235 en U-234 bevat 60% van de radioactiviteit van natuurlijk uranium. Het grootste deel van de straling - zo’n 95% - wordt uitgezonden als alfadeeltjes die niet door de huid kunnen heendringen. Een zeer geringe hoeveelheid bÍta- en gammastraling zou tot diepere cellagen kunnen doordringen indien fijne deeltjes DU werden ingeademd of opgenomen, zoals al gauw gebeurt door soldaten of burgers in de buurt van een pas ontplofte DU-granaat. Zelfs een geringe dosis straling van lage intensiteit kan enige schade veroorzaken aan het DNA van levende cellen. Of die schade voldoende is om de kans op kanker en andere acute gezondheidseffecten significant te doen toenemen staat volop ter discussie, en tot op heden is er geen sluitend bewijs geleverd voor nadelige gezondheidseffecten door blootstelling aan natuurlijk uranium. We kunnen er echter niet genoeg op wijzen dat afwezigheid van bewijs betreffende gezondheidseffecten niet hetzelfde is als bewijs dat er geen gezondheidseffecten zijn.

DU verschilt niet van natuurlijk uranium in zijn chemische toxiciteit. Het is een zwaar metaal dat in zijn oplosbare vorm in de nieren accumuleert (het primaire doelwitorgaan van uranium) en dat, in voldoende hoeveelheden, het gevaar van nierbeschadiging kan vergroten. Het wetenschappelijk on-derzoek tot op heden wijst erop dat orale opname van uranium, zelfs in ongewoon grote hoeveelheden, op zichzelf geen ernstige of blijvende gezondheidsproblemen veroorzaakt als gevolg van chemische toxiciteit. Niettemin is net als alle zware metalen DU een risicofactor waar men niet om heen kan.

Gezondheidsonderzoek betreffende uranium

Onderzoek dat over een aantal decennia is uitgevoerd heeft uitgewezen dat populaties met een ruim boven het gemiddelde beroepsblootstelling aan ingeademd of opgenomen uranium niet in sterkere mate lijden aan de kankervormen die in het algemeen met straling in verband staan.

Evenmin vertonen zij de bloedziekten die te verwachten zijn als gevolg van chemische toxiciteit. Andere oorzaken, zoals blootstelling aan radon onder arbeiders in uraniummijnen en -fabrieken, zijn aangewezen als oorzaak voor bepaalde specifieke ziekten maar deze onderzoeken verklaren niet de nieuwe experimentele gegevens die wijzen naar een rol voor toxiciteit van stof in de longen. De aerosoldeeltjes afkomstig van DU-wapens zijn in een zeer harde ‘keramische’ toestand en worden dus waarschijnlijk in de long en de lymfeklieren aldaar langdurig vastgehouden, waardoor de kans op celbeschadiging door alfa-straling toeneemt. Het grootste gevaar van interne bestraling, of de blootstelling nu ligt aan de fabricage of aan DU-wapens zelf, bestaat uit dit geÔnhaleerde stof.

Zoals eerder vermeld zijn er aanwijzingen dat de DU-munitie zoals in de Golf- en in de Balkanoorlog gebruikt is, besmet was met plutonium, U-236 en andere stoffen die veel intenser radioactief zijn dan U-238. Recent onderzoek wijst op de mogelijkheid van genetische beschadiging als gevolg van blootstelling aan enkele vormen van straling uitgezonden door deeltjes zoals die door DU-wapens zijn afgezet. Zo’n effect op het genoom, mits bewezen, zou kunnen wijzen op een grotere kans op leukemie, longkanker of kanker in de lokale lymfeklieren en, controversieel, voorspellingen op grond van stralings-beschermingsmodellen. Het is gewoon nog te vroeg voor een uitspraak. Juist om die reden dient de gezondheid van militaire of burgerpopulaties die in de Golf of de Balkan aan DU zijn blootgesteld geweest in de komende jaren nauwlettend te worden gevolgd.

Wat te doen met DU wapens?

Hoewel IPPNW in het algemeen instemt met de beoordeling door de British Medical Journal dat de jury nog niet klaar is met DU, en dat de andere risico’s waaraan burgers en militairen blootgesteld waren, afzonderlijk en in combinatie, op zichzelf zeer waarschijnlijke oorzaken waren van allerlei naoorlogse gezondheidsproblemen waaraan burgers en militairen hebben geleden in de nasleep van deze conflicten, veroordelen wij het gebruik van DU-wapens en steunen de oproepen voor een verbod op het gebruik ervan.

Een basisprincipe bij stralingsbescherming is dat elke blootstelling gerechtvaardigd moet zijn; dat houdt in dat het voordeel voor hen die zijn blootgesteld moet opwegen tegen het risico. Dit is de standaard bij medisch radiologisch onderzoek. Het militaire nut van DU-wapens voor de gebruikers rechtvaardigt niet het extra gezondheidsrisico voor noncombattanten hoe klein ook. Het voorzorgsprincipe stelt dat bij afwezigheid van overtuigend bewijs van onschadelijkheid van een stof of proces, er een gerede veronderstelling is van risico. Dit principe is duidelijk van toepassing op het gebruik van DU-wapens. Bovendien besmetten DU-wapens zonder onderscheid de plekken waar ze zijn gebruikt en blijft de besmetting bestaan lang na het beŽindigen van de vijandelijkheden. Dit draagt bij tot de radioactieve en toxische belasting van burgers, dieren (in het wild) en ecosystemen. Vanuit dit perspectief moeten DU-wapens worden beschouwd als een vorm van ecologische oorlogsvoering die door de Geneefse Verdragen zijn verboden.

DU-wapens zijn mogelijk al illegaal onder het internationale recht en het internationale humanitaire recht en deze zaak wordt dwingend bepleit door leden van de International Association of Lawyers Against Nuclear Arms (IALANA), die een werkgroep hebben gevormd om dit onderwerp te onderzoeken.

De schade door DU-wapens veroorzaakt blijft niet beperkt tot ‘legale’ slagvelden; de wapens blijven werkzaam na het beŽindigen van de vijandelijkheden. Ze zijn inhumaan omdat ze een risico vormen voor de gezondheid van noncombattanten onder wie kinderen en toekomstige generaties; en ze kunnen niet worden gebruikt zonder het milieu onrechtmatig te belasten. Het feit dat militaire autoriteiten zowel in de VS als bij de NAVO hun eigen soldaten adviseren voorzorgsmaatregelen te treffen bij het omgaan met DU-munitie en gedetailleerde trainingshandleidingen en video’s hebben gemaakt om de veiligheid van de troepen te waarborgen, terwijl ze verhullende ontkenningen van gezondheidsrisico’s aan het publiek verstrekken, treft ons op zijn minst als hypocriet en versterkt ons oordeel dat het gebruik van deze wapens dient te worden afgeschaft.

Of uiteindelijk zal worden aangetoond dat DU-wapens de gezondheidseffecten hebben die men eraan toeschrijft, is nog een vraag. Zeker is, dat ze slechts ťťn voorbeeld zijn van de aanhoudende wijze waarop de militairen onze planeet vervuilen. Ze staan model voor de onaanvaardbare belasting van de hedendaagse gewapende conflicten voor burgerpopulaties, die in de 20ste eeuw de voornaamste slachtoffers van oorlog vormden en dat in de 21ste eeuw wel zullen blijven. Ze maken deel uit van het spectrum van indiscriminatoire en inhumane wapens waaronder landmijnen en biologische en chemische wapens met, aan de meest vernietigende kant, ook tienduizenden kernwapens die alle leven op aarde in de waagschaal stellen.

Vertaald uit het Engels door mw. Petti Moll-Huber

Terug naar inhoud nieuwsbrief